Hanzelab

Hanzelab draait nu een paar jaar in Zwolle.
Het zijn Zwollenaren die tijd en denkkracht beschikbaar stellen om een aangedragen probleem aan te pakken.
De 90 leden van Hanzelab zijn benieuwd of er Zwolse instellingen of organisaties zijn die zoeken naar antwoorden op vragen.
Vandaar onderstaand bericht:

90 man & vrouw sterk..
90 hoofden vol kennis en ideeen..
90 harten die kloppen voor onze mooie stad..
90 totaal verschillende expertises, interesses en achtergronden..
90 sterke wortels in diverse Zwolse netwerken
90 bijdragen om Zwolle nóg mooier te maken..
90 overtuigingen dat geven, delen en samen denken en doen geweldig is..
90 toezeggingen voor belangeloze inzet voor Zwolse bedrijven en organisaties
90 toezeggingen om een sterke bijdrage te leveren Zwolse maatschappelijke initiatieven, goede doelen, verenigingen, projecten..

Deze 90 ondernemende, creatieve en betrokken Zwollenaren zijn Hanzelab:http://hanzelab.nl/netwerk

Jij kunt met jouw organisatie of bedrijf gebruik maken van deze 90 hoofden, harten, expertises en overtuigingen. Zeker in situaties en vraagstukken waar een multidisciplinair team, diversiteit aan kijk op zaken en een grote dosis creativiteit hard nodig is.
Heb jij of heeft jouw organisatie een idee, concept, vraagstuk of thema waar je de kracht van Hanzelab goed bij kunt gebruiken? Neem contact met ons op! 
Sta jij, het bedrijf of de organisatie waar je voor werkt er bovendien voor open om Hanzelab óók bereikbaar te maken voor maatschappelijke initiatieven in Zwolle? En Zwolle zo nóg mooier en sterker kan maken? Dan ben je bij ons helemaal aan het goede adres.

Hanzelab werkt volgens het “buy one give one” model als een stichting en netwerkclub zonder winstoogmerk. Voor een relatief klein bedrag koop je een inspirerende Hanzelab sessie voor jezelf. Voor een nog geringer bedrag schenk je er één aan een mooi project of initiatief in Zwolle.

Spreekt dit je aan dan denkt Hanzelab graag met je mee! Graag zelfs, want we kunnen wel wat opdrachtgevers gebruiken. We geven graag Zwolse organisaties een impuls. We hebben genoeg maatschappelijke projecten die graag een gratis sessie ontvangen.

Kijk hier alvast op onze site hoe we werken:http://hanzelab.nl/word-opdrachtgever

O.a. Wezo Zwolle, Gemeente Zwolle, Zwolle Marketing en Leisure Centre Wallyss, Koperen Kees en Boerdam gingen al als opdrachtgever met Hanzelab in zee. Voor hen werden mooie sessies georganiseerd gericht op specifieke organisatievraagstukken. Mede dankzij deze opdrachtgevers kon Hanzelab gratis sessies verzorgen voor onder meer Ronald McDonaldhuis Zwolle, Daklozenopvang De Herberg, Buurtcentrum de Bestevaer en RTV ZOo. Wil je weten hoe de samenwerking met Hanzelab is bevallen?  Vraag het eens aan Jacco Vonhof ((Novon, Wezo), Gerrit Jansen ((Jansen Vastgoed,  Wallyss), de wethouders Nelleke Vedelaar, Filip van As of Rene de Heer (gemeente Zwolle), Henk van Voornveld (Zwolle Marketing) Lianne Booijink (Ronald McDonaldhuis) of Bärbel Brouwer (Bij Bärbel, destijds interim-voorzitter RTV ZOo).

Geïnteresseerd in Hanzelab? Misschien al een concreet vraagstuk? Of dé tip voor een mooie opdrachtgever voor Hanzelab? Bel of mail ons en we gaan graag in overleg om de uitdaging aan te gaan. Hanzelab vult met een frisse blik jouw tijdelijke gebrek aan creativiteit onmiddelijk in. Een mooie impuls om daarna zelf weer voortvarend aan de slag te gaan!

Als je wat ziet in Hanzelab, laat dan een reactie achter of mail me: johnvboven@planet.nl.
Ik zorg er dan voor dat iemand van Hanzelab contact opneemt.

Geef een reactie

Opgeslagen onder algemeen

Pabo en hoogbegaafdheid

Vrijdag heb ik een gesprek gehad met mensen van de Pabo van de Gereformeerde Hogeschool.
Ik was benieuwd hoe de opleiding inhoudelijk reageert op de toenemende belangstelling voor hoogbegaafdheid. Vooral benieuwd omdat onderwijs aan hoogbegaafden geen luxe is maar pure noodzaak.
Dit wordt geen verslag van het gesprek. Het zijn meer opmerkingen over wat mij is opgevallen en hoe ik zaken heb ervaren.

- De pabo is druk doende een nieuw curriculum te ontwikkelen. Niet alleen voor het onderdeel hoogbegaafdheid, maer breder. Onderwijs verandert, want ontwikkelt zich en daar past een andere opleiding bij. Dat is wel een proces waar tijd overheen gaat.
Blijf je op die manier niet achter de feiten aan lopen, zo vraag ik me af.

- Het komt mij voor dat hoogbegaafdheid nogal theoretisch wordt benaderd. Ik heb uitleg gekregen over welke factoren de ontwikkeling van een kind bepalen. En dat het voor het overgrote deel bepaald wordt door de ontwikkeling van wat de executieve functies worden genoemd. Mij werd niet duidelijk – en dat kan wellicht ook niet in een gesprek van 1 uur – wat dit betekent voor de leerstrategie die de school moet hanteren. Ik vind dat wel belangrijk, omdat onderwijs aan hoogbegaafde kinderen niet moet gebeuren in een soort module van de basisschool, maar zoveel mogelijk organisch moet aansluiten bij het totale onderwijs dat een basisschool verzorgt. De Klokbeker vind ik daar een erg goed voorbeeld van. Dat verklaart volgens mij ook het succes van de school.

- Ik ben nog steeds benieuwd naar de factoren die het succes bepalen van onderwijs aan hoogbegaafden. Wat mijn gesprekspartners terecht benadrukken is, dat het gaat om het toevoegen van kennis bij een HB-er. Ook dat vraagt een strategie.

- Studenten die tijdens de opleiding nadenken over HB-onderwijs komen tijdens de stage, dus in de praktijk, in situaties, dat ze niets kunnen met de verworven kennis. Op stage doen ze ervaring op op scholen vanuit de onderwijsstrategie die de stageschool hanteert. Ze kunnen dus weinig met de op de pabo verworven kennis.
Suggestie: ga nadenken over de manier waarop stages worden ingericht, waardoor kruisbestuiving mogelijk wordt. Dat vraagt wel erkenning van de stageschool dat ze wat kunnen leren van de stagiaires.

- Voor een koepel is de vraag relevant op hoeveel van de basisscholen die de onderwijskoepel heeft, dit onderwijs moet worden aangeboden.
Is het per koepel genoeg als Zwolle 1 basisschool heeft waar HB-leerlingen terecht kunnen. Of is het pedagogisch verstandig dat per wijk te doen, zoals mijn gesprekspartners suggereren. Dan komen ze de vriendjes van school ook op straat tegen.
Ik onderken dat dit vooral een financiële komponent kent. Doorgaans omdat gewerkt wordt met kleinere groepen. Dat moet op koepelniveau wel kunnen worden opgelost.

- Ik vraag me daarnaast af, in welke mate de verschillende koepels samenwerken en of er uitwisseling van ervaring is. Het lijkt me erg verstandig om in deze tijd van ontdekken wat het beste is voor HB-kinderen – geredeneerd vanuit en de kinderen en vanuit de school – ervaringen uit te wisselen. Bovendien is er niet één onderwijsvorm voor alle HB-leerlingen. Scholen kunnen, lijkt mij, veel van elkaar opsteken.

Ik besef erg goed dat de politiek het niet voor het zeggen heeft als het gaat over de inrichting van het onderwijs. Ook de Zwolse politiek niet.
Raadsleden kunnen wel fungeren als katalysator. Een katalysator beinvloedt de snelheid van het proces, zonder aan het proces deel te nemen.
Hier spreekt de oude scheikundeleraar.
Als raad moet je een statement maken: alle kinderen in Zwolle moeten in Zwolle onderwijs kunnen volgen dat bij hen past.

Daar doen we het voor. Daarom probeer ook ik het proces te beïnvloeden.

8 reacties

Opgeslagen onder Zwolse politiek

Hoogbegaafdheidsonderwijs, zo kan het

Hoogbegaafdheid krijgt gelukkig steeds meer aandacht. En dat is geen overbodige luxe.
De afgelopen weken zijn mij een paar zaken duidelijk geworden, waar ik eerst niet bij heb stilgestaan.
In de eerste plaats het dilemma moet er worden aangesloten bij de intellectuele mogelijkheden van het kind of moet juist rekening worden gehouden met de sociaal-emotionele ontwikkeling. Bij hoogbegaafde leerlingen lopen die beide aspecten niet vanzelfsprekend in de pas.
Een andere vraag is of je als school in staat bent het onderwijs aan te passen aan het kind. Het kan niet zo zijn dat er een vorm van onderwijs wordt aangeboden, waaraan het kind zich maar moet aanpassen.
De rijkdom aan onderwijsvormen aan de andere kant van het spectrum steekt vaak schril af bij de beperkte vormen die (kunnen) worden aangeboden als het gaat om onderwijs aan hoogbegaafden.

Ik heb vandaag een bezoek gebracht aan de Klokbeker in Zwolle-zuid. Ik ben daar hartelijk ontvangen door de directeur Hans Veldsink die alle tijd had voor een goed gesprek en veel informatie gaf.
Zijn school werkt volgens natuurlijk leren, waarbij het minder gaat om verworven kennis maar meer om verworven vaardigheden.
De school is ingedeeld in drie eenheden: groep 1, 2 en 3; groep 4, 5 en groep 6, 7 en 8. Dat maakt het mogelijk om binnen een eenheid leerlingen zo te groeperen, dus door de groepen van de eenheid heen, dat leerlingen die vergelijkbaar ver zijn, samen les krijgen.
In mijn ogen helpt dat om het verschil in intellectuele en sociaal-emotionele ontwikkeling kleiner te maken (zie het dilemma waarmee ik dit blog begin).
Het aardige vind ik dat deze vorm van onderwijs niet is ontwikkeld voor onderwijs aan hoogbegaafde kinderen, maar dat het gaat om het vergroten van de kwaliteit van onderwijs, waarbinnen hoogbegaafde leerlingen blijkbaar aan hun trekken kunnen komen.

Er komt wel iets merkwaardigs om de hoek kijken. Omdat het onderwijs is toegesneden op de mogelijkheden van het kind (er wordt bijvoorbeeld gewerkt met een portfolio en niet met rapporten) kan de inspectie er minder mee uit de voeten. Omdat de leerlingen de school ervaren binnen een eenheid, bijvoorbeeld de eenheid groep 4,5, kunnen ze voor de ene doelstelling binnen een vak al halverwege groep 5 zijn, maar voor een andere doelstelling halverwege groep 4. Aangezien de inspectie per klas de resultaten bekijkt kunnen er minder goede inspectierapporten voor de school uit rollen.
Daar waar de school niet vanuit een vast systeem werkt waarbinnen de leerling zijn plek maar moet zien te vinden, beoordeelt de inspectie de resultaten wel op basis van dat systeem.
Het lijkt mij belangrijker te weten hoe de ouders de school ervaren, wat de leerkrachten er van vinden en of het voortgezet onderwijs uit de voeten kan met de kennis en vaardigheden van deze leerlingen.
Het lijkt mij bij deze vorm van onderwijs belangrijker om horizontaal (de directe omgeving en betrokkenen) te beoordelen dan om dat verticaal (inspectie) te doen.
De inspectie zou zich moeten aanpassen en niet de school.

Er is meer te zeggen, maar dan wordt dit blog wel heel erg lang.
Het was een leerzaam bezoek en meer dan de moeite waard.

13 reacties

Opgeslagen onder Zwolse politiek

Winkelmooie binnenstad

De inrichting van het publieke domein in de binnenstad vraagt om een heroverweging.
Dat is dus wat anders, dan hier en daar een aanpassing.
Het waarom?
Ik noem een paar aandachtspunten, die ook al eens eerder aan de orde zijn geweest.
1. De marktkramen in de Luttekestraat belemmeren het zicht op de winkels daar. Ik pleitte een jaar geleden al voor een gesprek tussen ondernemers en marktkooplui. Er zijn minder kramen, dus is er schuifruimte.
2. De Grote Markt wordt hoe langer hoe meer onherkenbaar. Is langzamerhand, zeker bij mooi weer, een grote niet-overdekte fietsenstalling aan het worden. Niet echt om trots op te zijn. De wethouder heeft mij toegezegd dat dit opgepakt gaat worden.
3. Door de opstelling van de marktkramen zijn looplijnen Luttekestraat – Grote Markt – Diezerpromenade niet meer zichtbaar. Het gaat ook op zaterdag om de aantrekkelijkheid van de binnenstad.
4. Over niet al te lange tijd rijden er geen bussen meer door de binnenstad. Dus ook niet meer over de Jufferenwal en de Buitenkant. Dat maakt het, denk ik, mogelijk om het Rodetorenplein te betrekken bij de markt. Die kan dan opschuiven, waardoor Grote Markt vrij kan komen.

Ik blijf pleiten voor een overleg tussen marktkooplui, binnenstad-ondernemers (via City Centrum?) en gemeente om te zoeken naar een beter gebruik van de ruimte in de binnenstad met in achtneming van elkaars belangen.

Ik zou zeggen, begin met een verkennend gesprek.
Er is een spreekwoord dat zegt, dat een reis van 100 km begint met de eerste stap.

11 reacties

Opgeslagen onder Zwolse politiek

De Zwolse binnenstad, een oase?

Deze week konden we in de media lezen dat het bezoek aan steden terugloopt. Zo ook in Zwolle, al komt Zwolle er nog redelijk goed van af in dit deel van ons land.
Dat vraagt alertheid en hard werken aan een gastvrije binnenstad. Daar hebben we de ondernemers in de binnenstad hard bij nodig.
Aansluiten straks bij de mogelijkheden die de Fundatie en Waanders in de Broeren gaan bieden.

Deze week las ik ook berichten die niet echt helpen om van onze binnenstad een oase te maken.
- de Grote Markt stond woensdag propvol met fietsen. Wellicht handig voor de eigenaren van de fietsen, maar het is geen gezicht en nodigt niet uit;
- veegwagens die ruim voor sluitingstijd van de winkels door de binnenstad trekken. Op zich nobel en nodig, maar wel op het verkeerde tijdstip.

Deze berichten kloppen niet op elkaar.
Wat moeten we doen? Er moet een meldpunt komen; bijvoorbeeld een ambtenaar waar alle verbeterpunten binnenkomen en die ook de bevoegdheid heeft om er wat aan te doen.
De gezamenlijke verantwoordelijkheid (we maken immers samen de stad) voor een prettig verblijf in de binnenstad is geholpen bij een slimme meldprocedure, die snel laat zien dat er wat aan gedaan wordt.
Geen gespreksgroep (waaraan ik, eerlijk gezegd, wel even heb gedacht), maar onmiddellijke aktie.

6 reacties

Opgeslagen onder Zwolse politiek

Volksvertegenwoordiging, vertrouwen, communicatie

De gang van zaken met de extra opvang bij het Leger des Heils aan de Van Walsumlaan leidt wat mij betreft (weer) tot de vraag wat de beste manier is om burgers te betrekken bij het maken van beleid. Zeker bij gevoelige onderwerpen als opvang. Maar daar niet alleen.

Probleem
Ook ik was kritisch over het proces, dat klopt. Als volksvertegenwoordiger moet je ook luisteren naar de burger, die betrokken is bij de mogelijke gevolgen van besluiten. Als er dan wat te verbeteren is, moet je dat zeggen.
Maar ik heb ook een kaderstellende rol. In die rol moeten afwegingen worden gemaakt waar de buurt zelf niet voor komt te staan.
Er is een probleem dat moet worden opgelost. Extra opvang is nodig. In Zwolle. Je hebt dus altijd en waar dan ook in de stad te maken met burgers die bezwaar (kunnen/zullen) maken.
De rol van mij als raadslid is dan om beleid vast te stellen, waarbij zoveel als mogelijk is, bezwaren worden weggenomen.
Ik was dan ook erg blij met het antwoord van de wethouderafgelopen maandag: vasthouden aan het voornemen en in gesprek met de buurt nagaan of afspraken gemaakt kunnen worden over het verminderen van de overlast.

Wat te doen
Ik denk ondertussen wel na over de manier waarop besluitvorming over lastige dossiers verloopt. Ik heb daar wel een mening over.
In de raad worden besluiten democratisch genomen. Voor en tegen wordt afgewogen en politieke standpunten worden bepaald.
Het gebeurt zelden of nooit dat de minderheid gaat lopen mopperen omdat hun standpunt niet wordt overgenomen door de meerderheid.
Dat zie je wel als de raad een besluit neemt dat een buurt onwelgevallig is. Ik vermoed dat het daarbij vooral gaat over het gevoel niet gehoord te zijn. Niet betrokken te worden bij de afwegingen die gemaakt (moeten) worden. Wat krijg je dan: “als ze ons niet serieus nemen gaan we dwarsliggen”.

Overwegingen
- Communicatie is in processen waar de buurt een grote rol speelt het belangrijkste instrument. Voor betrokkenheid is een goede communicatie een eerste vereiste.
- Een ander aspect is vertrouwen. Mijn stelling is dat je elkaar moet vertrouwen om prettig met elkaar van mening te kunnen verschillen. Ook voor vertrouwen is communicatie onmisbaar.
- Bij besluitvorming erg duidelijk maken wat de overwegingen zijn geweest en welke afwegingen zijn gemaakt. Daarbij moet voor ogen staan dat dit processen zijn die niet per definitie gesneden koek zijn voor de burger.

Oplossing
Ik heb al eens eerder een pleidooi gevoerd voor een protocol, waarin is vastgelegd wie betrokken kan worden bij het proces dat leidt tot besluitvorming. De raad ervaarde dat toen als bureaucratisch. Ik zeg nog steeds, gelet op ervaringen en de daarbij beleefde onduidelijkheid over de verschillende rollen, dat zo’n document heel veel duidelijkheid kan geven.
Zwolle kent “Samen maken we de stad” en “Interactieve beleidsvorming”. Dat vraagt om een goede rolneming van alle partijen. Dat is nergens vastgelegd. Dat moet wel.
De volgende punten moeten duidelijk zijn:
1. welke invloed hebben burgers in het proces
2. op welke momenten kunnen burgers hun invloed uitoefenen
3. welke informatie wordt verstrekt en op welk moment.

Bij het begin van een procedure moet er echt volstrekte helderheid zijn.
Alleen dan kan gewerkt worden op basis van vertrouwen.
Alleen dan is er goede communicatie mogelijk.
Alleen dan worden overwegingen en afwegingen helder.

We gaan wat mij betreft, los van lopende processen, nadenken over de blijvende relatie van burgers met politiek.

 

Geef een reactie

Opgeslagen onder Zwolse politiek

Uitbreiding opvang Van Walsumlaan

inloopavond

inloopavond

De voorgenomen uitbreiding van de nachtopvang aan de Van Walsumlaan heeft de nodige beroering veroorzaakt. De informatie-avond op 12 maart verliep tumultueus; we hebben ook brieven ontvangen van de buurt, waarin verontrusting wordt uitgesproken over de gang van zaken en over de gevolgen van de voorgenomen uitbreiding.
Dat was voor mij reden om donderdagavond naar de inloopavond over dit onderwerp te gaan.

Wat ik graag zou willen is de insteek van “we stemmen in mits er aan een aantal randvoorwaarden wordt voldaan”. Dat vind ik een betere insteek dan “nee, tenzij”.
Die insteek kan alleen als het lukt om met partijen om de tafel te gaan zitten. De vraag is, wat daar voor nodig is en welke overwegingen een rol spelen.

Ik noem een paar punten.
1. Zonder de uitbreiding merkt de buurt al jaren overlast van de bezoekers. De buurt heeft niet het gevoel dat er concreet wat gedaan wordt aan de ervaren overlast. Politie komt niet (meer), dus wordt er ook niet meer gebeld. Daardoor is er een verkeerd beeld van de werkelijke situatie.
2. De buurt heeft het gevoel met de rug tegen de muur te staan en dan kan elke onhandige procedure opgevat worden als een bewijs van het gevoel dat de buurt gemangeld wordt.
Een uitnodiging 5 dagen voor een bijeenkomst waar een gevoelig onderwerp wordt behandeld versturen is wat mij betreft een strategische blunder. Waarom niet een vooraankondiging 2 weken voor de datum en op een later moment de definitieve uitnodiging met informatie.
Is er echt niets geleerd van de evaluatie van de gang van zaken met het Exodushuis?
3. De gemeente is verantwoordelijk voor de manier waarop de opvang geregeld wordt. Dat betekent dat zij de regie moet nemen voor de procedure die leidt tot voorstellen en besluitvorming. En dat betekent dus ook dat de gemeente zelf de informatie moet verzamelen, die bepalend is voor het beleid. De situatie nu laat zien dat er een enorme kloof zit tussen de beleving van de buurt en de beschrijving door de gemeente van de huidige situatie.

Hoe nu verder?
Er moet hard gewerkt worden aan een betere verstandhouding tussen gemeente en buurt. Niet om het op voorhand met elkaar eens te zijn. Wel om goed en constructief overleg mogelijk te maken.
Als daar een pas op de plaats voor nodig is dan moet dat maar.
Ik wil weten of de beheersbaarheid en het terugdringen van de overlast haalbaar is. Die haalbaarheid laat zich alleen bewijzen door de nu ervaren overlast terug te dringen. Met verbale toezeggingen alleen redt je het niet.

Als de gemeente ruimte maakt voor overleg dan moet de buurt daaraan wel meewerken. Er is tenslotte een situatie, die dringend om een oplossing vraagt.
Kortom, er moet gewerkt worden aan het “ja, mits”.
Daaraan moet gewerkt worden door zowel de gemeente als door de buurt.

Geef een reactie

Opgeslagen onder Zwolse politiek