Vrije sluitingstijden en verantwoordelijkheid

Ik heb al eerder een inhoudelijke reactie gegeven op het initiatiefvoorstel over de vrije sluitingstijden. Nu staat de vraag centraal: waar begint de eigen verantwoordelijkheid van het individu en eindigt de regulerende verantwoordelijkheid van de overheid.
Deze vraag wordt ingegeven door twee zinnetjes uit het initiatiefvoorstel:
– “eigen verantwoordelijkheid is een sleutelbegrip”
– “we willen een overheid die geen sluitingstijden oplegt, maar dit overlaat aan de markt. Aan de eigen verantwoordelijkheid van de horecamarkt, ondernemers en bezoekers.”

Bij mij dringt dan de vraag zich op, waarom juist in dit dossier aangedrongen op de eigen verantwoordelijkheid en in andere dossiers niet?
Dat de overheid verkeersregels oplegt is evident. Het zou niet best zijn, wanneer we geacht worden vooral vanuit de eigen verantwoordelijkheid deel te nemen aan het verkeer.
Bij de leerplichtwet wordt het voor mij al minder duidelijk. Waarom niet de plicht afschaffen en mensen hun eigen verantwoordelijkheid laten invullen als het gaat om dit aspect van de opvoeding. Daarover hoor ik niemand.
Waarom worden de sluitingstijden van winkels door de overheid voorgeschreven? Kunnen de winkeliers dat niet zelf regelen?
Het rookbeleid is danig gekanteld, dank zij de regulerende maatregelen van de overheid.

Ik las onlangs een interview met prof. Hans Boutellier, hoogleraar Veiligheid en burgerschap aan de VU (Denkwijzer, studieblad van de ChristenUnie en uitgave van het Wetenschappelijk Instituut van de ChristenUnie, jaargang 11, nummer 2).
Een paar, voor mij in dit verband relevante, uitspraken.
Op de vraag wat het door prof. Boutellier bepleite lichte leiderschap betekent voor het overheidsgezag reageert hij door o.a. te zeggen dat “faciliteren en begrenzen het credo zou moeten zijn van modern bestuur”.
De professor pleit voor kernfuncties met daarnaast improviseren. Improviseren betekent voor hem niet dat vrijblijvend gehandeld kan worden: “Improviseren geeft vrijheid, maar wel georganiseerde vrijheid. Improvisatie laat ruimte voor orde te midden van de chaos: soms klopt het, soms niet. Vergelijk het met een musicus in een combo. Die heeft vrijheid, maar is ook gebonden: aan de regels van de muziek, de traditie waarin hij staat, de eisen van een bepaald instrument, het gemeenschappelijke ritme. Er is altijd wederkerigheid, we moeten elkaar de ruimte geven.”
Nog een citaat: “De lokale politiek zal meer moeten denken in samenspel en samenwerking tussen politiek, organisaties en burgers.”

Terug naar de vrije openingstijden.
Naar mijn stellige overtuiging vraagt dit dossier regels. Daarbinnen kan dan naar eigen verantwoordelijkheid gehandeld worden.
Dat heeft alles te maken met het aantal partijen, dat in geding is: de horeca, de politie, de binnenstadbewoners, de gemeente.
Er moet dus een regiepartij zijn, die waakt over de wederkerigheid en over de onderlinge relaties.
Dat is zeker nodig in situaties waarin de belangen tegengesteld zijn.

Advertenties

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Zwolse politiek

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

w

Verbinden met %s