Dagelijks archief: 30/10/2012

regeerakkoord en de gemeente

Hieronder zonder commentaar een droge opsomming van zinnen, waarin in het regeerakkoord de gemeente wordt genoemd. Met paginanummer.

Er is werk aan de winkel. In meerdere opzichten.

– gemeente moet bijstandsuitkering 3 maanden stoppen, wanneer niet voldaan wordt aan sollicitatieplicht p6
– winkeltijden op zondag aan gemeente p10
– 256 miljoen uit gemeentefonds tbv onderwijshuisvesting p18
– zorg: aansluiten bij wat mensen nodig hebben en wat gemeenten kunnen doen p23
– gemeenten worden geheel verantwoordelijk voor de activiteiten op het gebied van ondersteuning, begeleiding en zorg p23
– De combinatie van de introductie van inkomensafhankelijke zorgfinanciering en het organiseren van zorg dicht bij mensen maakt beperking, vereenvoudiging en decentralisatie mogelijk van regelingen als compensatie eigen risico, de aftrek specifieke zorgkosten en de wet tegemoetkoming chronisch zieken en gehandicapten. Hieruit wordt een nieuwe gemeentelijke voorziening gefinancierd met een omvang van ruim 750 miljoen p24
– De gemeenten wordt een zeer ruime beleidsvrijheid gegeven met betrekking tot de concrete invulling van deze gedecentraliseerde voorzieningen p24
– De jeugdzorg wordt in 2015 gedecentraliseerd naar gemeenten. De decentralisatie omvat alle onderdelen: de jeugdzorg die nu een verantwoordelijkheid is van de provincie, de gesloten jeugdzorg onder regie van Volksgezondheid Welzijn en Sport, de jeugd-GGZ die onder de ZVW valt, de zorg voor lichtverstandelijk gehandicapten jongeren op basis van de AWBZ en de jeugdbescherming en jeugdreclassering van Veiligheid en Justitie p25
– Consultatiebureaus worden verplicht kinderen voor wie taalachterstand dreigt, door te verwijzen naar vroeg- en voorschoolse educatie. Sluitende samenwerking tussen gemeenten en scholen moet waarborgen dat achterstanden spoedig mogelijk en in ieder geval voor het eind van de basisschoolperiode zijn weggewerkt p25
– De decentralisatie moet ertoe bijdragen dat de eigen kracht, het sociale netwerk en de voorzieningen in een gemeente beter worden benut. Het accent zal steeds liggen op participatie in de samenleving p25
– De nieuwe Jeugdwet waarborgt de gemeentelijke beleidsvrijheid. Elementaire kwaliteitswaarborgen voor cliënten blijven wettelijk verankerd p25
– We bevorderen samenwerking van gemeenten, bedrijven, scholen en sportverenigingen p25
– Met gemeenten willen we bevorderen dat er bij de aanleg van nieuwe wijken voldoende ruimte voor sport en bewegen is p25
– De wietpas vervalt, maar de toegang tot coffeeshops blijft voorbehouden aan ingezetenen die een identiteitsbewijs of verblijfsvergunning, samen met een uittreksel uit het bevolkingsregister kunnen tonen. De handhaving van dit ingezetenencriterium geschiedt in overleg met betrokken gemeenten en zonodig gefaseerd, waarbij wordt aangesloten bij het lokale coffeeshop- en veiligheidsbeleid zodat er sprake is van lokaal maatwerk p28
– Voor stemmen bij gemeenteraadsverkiezingen, naturalisatie en het niet verliezen van het verblijfsrecht bij het aanvragen van een bijstandsuitkering geldt nu een periode van vijf jaar. Die wordt verlengd tot zeven jaar p32
– Woningbouwcorporaties moeten weer dienstbaar worden aan het publiek belang in hun werkgebied. Hun taak brengen we terug tot het bouwen, verhuren en beheren van sociale huurwoningen en het daaraan ondergeschikte direct verbonden maatschappelijke vastgoed. Corporaties komen onder directe aansturing van gemeenten. Gemeenten met meer dan honderdduizend inwoners krijgen extra bevoegdheden p33
– De instroom in de sociale werkvoorziening in zijn huidige vorm stopt met ingang van 1 januari 2014. Gemeenten krijgen binnen de wettelijke kaders ruimte om zelf beschut werk als een voorziening te organiseren. Er is geld om via deze voorziening structureel uiteindelijk dertigduizend werkplekken te realiseren afgestemd op honderd procent van het wettelijk minimumloon. De verplichting voor gemeenten om één op de drie vrijgevallen plaatsen in de sociale werkvoorziening op te vullen vervalt p35/36
– Op de bij gemeenten en UWV beschikbare re-integratiemiddelen wordt een doelmatigheidskorting doorgevoerd, mede in het licht van grote decentralisaties zoals bij de Participatiewet p36
– Om de onderlinge afstemming van onderwijs, peuterspeelzaalwerk en kinderopvang te optimaliseren wordt de financiering van het peuterspeelzaalwerk onder de Wet Kinderopvang gebracht. Daarbij zal bestaande gemeentelijke financiering worden betrokken. Belemmeringen voor samenwerking zullen op basis van de ervaringen in de nu lopende pilots worden weggenomen. De bestaande minimumeisen aan voor- en vroegschoolse educatie worden onderdeel van de afspraken. Financieringsstromen stemmen we op elkaar af p36
– Het overbrengen van een groot aantal taken van het Rijk naar gemeenten maakt meer maatwerk mogelijk en vergroot de betrokkenheid van burgers. Gemeenten kunnen de uitvoering van de taken beter op elkaar afstemmen en zo meer doen voor minder geld. Hiertoe biedt het Rijk hen ruime beleidsvrijheid p41
– Voor de lange termijn hebben wij het perspectief van vijf landsdelen met een gesloten huishouding en gemeenten van tenminste honderdduizend inwoners voor ogen p41
–  Decentralisaties zullen in principe gericht worden op 100.000+ gemeenten. Gemeenten benutten mogelijkheden om bewoners van wijken, buurten en dorpen te betrekken bij zaken die hen raken p41
– We nodigen provincies uit om met gemeenten initiatieven gericht op vergroting van de gemeentelijke schaal te bespreken p41
– Het wetsvoorstel tot vermindering van politieke ambtsdragers met 25 procent zal worden aangepast. Het aantal gemeenteraadsleden daalt tot het aantal dat bestond voor de dualisering van het gemeentebestuur. We verwelkomen het initiatief op dit punt vanuit de Tweede Kamer. Dat geldt ook voor het initiatief tot deconstitutionalisering van de aanstelling van de burgemeester en de commissaris van de Koningin. De voorgestelde daling van het aantal provinciale politieke ambtsdragers zal wel 25 procent blijven p41

Advertenties

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder algemeen

rtv ZOo

De afgelopen dagen stond de lokale omroep nogal negatief in de belangstelling. Het programma Kerkplein dat op zaterdagmorgen wordt uitgezonden, zal van 1 november niet meer in die vorm terugkomen. Tot grote boosheid van de makers. Op zaterdag horen, dat het de laatste keer is, verdient nou niet de communicatieve schoonheidsprijs. Ongerustheid in een deel van de Zwolse samenleving moet je als raadslid handen en voeten geven. Deze keer in de vorm van mondelinge vragen. Uit het antwoord van de wethouder werd duidelijk dat er geen rol voor het college is weggelegd. Dat kan ik volgen. Ik werd wel blij van de opmerking dat de general manager op korte termijn alle betrokkenen zal uitnodigen voor overleg. Dat vond ik de grote winst.

Tot mijn stomme verbazing lees ik vandaag een tweet van die zelfde general manager: @Stridje65: “@zooweekend: Aanstaande vrijdag gaat de nieuwe programmering @ZOO105FM in !”  Ik reageer met de vraag: “Overleg morgen levert dus niks op, op voorhand?” Dat levert de volgende reactie op van de general manager: “@jvb038 #zooweekend is een ZSP programma dat gaat idd vrijdag van start. Leuk voor ze! Verder geen commentaar.”
Als je deze teksten gebruikt voordat het aangekondigde overleg is geweest, dan vraag ik me af wat de bedoeling van dat overleg is. Mijn aanvankelijke blijdschap is in ieder geval weg.

En dan nog wat.
Artikel 30 van de mediawet zegt: “het programma van de lokale omroepinstelling is in zodanige mate gericht op de bevrediging van de in de gemeente levende maatschappelijke, culturele, godsdienstige en geestelijke behoefte, dat de instelling geacht kan worden van algemeen nut te zijn”
Ik vraag me af hoe deze verplichting zich verhoudt tot de volgende uitspraak van de general manager: “De kerk is een machtig orgaan; ze willen ons in de tang houden”

Mijn conclusie is dat de lokale omroep meer heeft aan een leider dan aan een manager, ook al is ze general.

4 reacties

Opgeslagen onder Zwolse politiek