Maandelijks archief: maart 2013

WOZ perikelen

Vanmorgen, woensdag 20 maart, weer op bezoek geweest op het Stadskantoor om te praten over de waardebepaling van ons appartement.
Het vorige gesprek met de taxateur liep niet zoals zou moeten.
Hoewel het een prettig verlopen gesprek was, hebben we elkaar niet gevonden.
Dat heeft vooral maken met het feit dat er weinig woningen zijn verkocht en er dus veel ruimte is voor interpretatie van de beschikbare gegevens.
Ik heb een paar punten aan de orde gesteld.

➡ In de eerste plaats de trend.
Ik kan de trend niet rijmen met de concrete waardevermeerdering met 12.000 euro. De NVM bericht dat in de regio Zwolle de waarde van appartementen in 2011 verminderd is met 11.6 %. Dat past niet op elkaar. De reactie van de gemeente is dan tweeledig. In de eerste plaats suggereren ze dat de waarde per 1-1-2011 te laag is geweest. Bovendien handelt de gemeente niet op basis van trends. Dat vind ik merkwaardig omdat een in de loop van 2012 getaxeerde referentiewoning met een paar duizend euro is opgewaardeerd, omdat het een dalende markt is en het gaat om de waarde per 1-1-2012. Ik ervaar dat als tegenstrijdig.

➡ De kwaliteit van de referentie.
Nu er (eigenlijk) te weinig woningen worden verkocht, krijgen de enkele referentiewoningen die overblijven te veel gewicht. Hoe vaak wordt de transactieprijs niet bepaald door factoren, die weinig te maken hebben met de economische of handelswaarde? Bij voldoende referentiewoningen middelt dat wel uit. Maar in de huidige situatie niet.
Daar komt nog bij, dat niet alle gehanteerde referentiewoningen in het taxatierapport komen. Dat maakt controle en de afweging wel of geen bezwaar maken erg lastig.

Ik trek een paar conclusies.
1. Door te weinig referentiewoningen wordt de waardebepaling minder geobjectiveerd vastgesteld. Dat maakt bezwaar maken erg lastig. Het ene “gevoel” staat tegenover het andere “gevoel”. Wat doet een rechter dan.
2. De gemeente gaat verschillend om met trends. En doet dat in haar voordeel.
3. Toevallige omstandigheden krijgen een te grote invloed op de waardebepaling.

Ik bepleit een ander, minder arbeidsintensief systeem: bepaal één keer de waarde van een woning grondig. Stel die waarde vast en hoor de eigenaar daarover. Die waarde wordt onderworpen aan de trend, die bepaald wordt door de transacties. Doe dat per regio.
Mogelijkerwijs levert dat minder op, maar je bespaart nogal wat aan formatie.
IJk de basiswaarde om de zoveel jaar, zeg zeven jaar.

Ik heb weinig behoefte aan het trekken aan een dood paard. Ik ga geen bezwaar maken. Dat is op voorhand een verloren strijd.

Advertenties

4 reacties

Opgeslagen onder algemeen, Zwolse politiek

Vertrouwelijkheid in de politiek

Het gebeurt niet echt vaak, dat de raad vertrouwelijk wordt geinformeerd. Gemeentepolitiek hoort openbaar te zijn. Soms moet het, omdat de raad graag geïnformeerd wil worden, ook al zijn onderhandelingen nog niet afgelopen.
Dat was ook het geval bij de herhuisvesting van de bibliotheek. Ik zelf heb sterk aangedrongen op vertrouwelijke informatie, omdat ik wilde weten welke bestemming het oude provinciehuis zou krijgen én wat de kans is op een opbrengst, genoeg voor het betalen van de herhuisvesting van de bibliotheek.
Het college is tegemoet gekomen aan de wens van de raad en heeft ons afgelopen maandag vertrouwelijk geïnformeerd.

Dat vertrouwen is beschaamd. Dat betreur ik in hoge mate.
Om de volgende redenen:
1. Het zet de onderhandelingen onnodig onder druk met een kans op een lager bod en een mogelijk risico dat wordt afgezien van de koop. Als dat gebeurt heeft Zwolle een grote kans gemist als het gaat om de economische versterking van de stad.
2. Het geven van vertrouwelijke informatie door het college zal, denk ik, vanaf nu met nog grotere terughoudendheid gegeven worden. Het maken van goede afwegingen in zo’n situatie ervaar ik dan als lastig.
3. Het publieke oordeel over het politieke handelen van raad en college wordt er zo niet beter op. Dat vind ik jammer. Op sommige fora is dat oordeel, overigens zonder grond, toch al niet best.

Kortom, ik zie alleen maar verliezers.

2 reacties

Opgeslagen onder Zwolse politiek

Burgerbetrokkenheid

EnqueteEind vorig jaar is er een enquête gehouden onder burgers met vragen aangeleverd door raadsleden. Een aantal vragen ging over burgerbetrokkenheid. Uit de respons bleek dat 80% wil meedenken over de stad of wijk.
Burgers geven ook aan dat ze op de één of andere manier betrokken willen worden bij besluitvorming. Dat gaf een respons van 74%.
Op de vraag hoe contact gelegd kon worden tussen burgers en gemeenteraad gaf 85% een mogelijkheid, waarbij in discussie gaan op een website en invloed bij besluitvorming hoog scoorden.
Ik schreef op 5 december vorig jaar hierover een stukje. (https://johnvanboven.com/2012/12/05/enquete-met-vragen-van-raadsleden/)
Ik haal dat nu aan omdat we gisteren een bijeenkomst hebben gehad, waar de vraag centraal stond op welke manier we de door burgers gewenste contacten kunnen realiseren.

Een paar opties, die allemaal verder onderzocht moeten worden.
– Richt een wijkplatform anders in. Maak ruimte voor gesprek met raadsleden. Nu heeft een aanwezig raadslid geen actieve rol. We realiseerden ons wel dat elke wijk een eigen kleur geeft aan een wijkplatform
– Er is een wijk waar men bezig is een eigen website te bouwen, waarop wijkbewoners kunnen chatten met raadsleden over zaken die hen bezig houden. De vraag is dan wel  hoe open zo’n forum zijn kan. We zitten niet te wachten op het afkraken van alles en nog wat door niet onder eigen naam schrijvende lieden. Het moet gaan over verbeteringen in de wijk en over het waarom van te nemen maatregelen. Algemeen gezegd, het moet versterking opleveren van het wijk-gevoel: het gaat over mijn wijk en daar ben ik trots op.

Als raadslid kun je zelf ook het nodige doen met social media. Dat kan door onderwerpen te bespreken op een eigen weblog. Of door korte beweringen op twitter. Ik heb onlangs, naar aanleiding van een tweet, een uitvoerige mailwisseling gehad met een burger over een bepaald onderwerp. Die mogelijkheid moet niet onderschat worden.

Als je suggesties hebt of wilt reageren: heel graag.

2 reacties

Opgeslagen onder Zwolse politiek

Bankpas of muntjes?

Ik kreeg vanmorgen een artikel uit Binnenands Bestuur onder ogen (bedankt Henk). In dat artikel (http://m.binnenlandsbestuur.nl/nieuws/bankpasje-vervangt-voedselbank-of-super-sociaal.34685.lynkx) wordt beschreven dat mensen die ondersteuning nodig hebben, niet naar de voedselbank worden verwezen maar een bankpasje krijgen, waarmee afgerekend kan worden, bijvoorbeeld bij de plaatselijke supermarkt.
Er wordt via de bonnetjes gecontroleerd of het geld wel wordt uitgegeven aan zaken, waarvoor het bedoeld is. Dit aspect vraagt nog wel doordenking wat mij betreft.

Interessanter is het slot van het artikel. Men kan extra geld gestort krijgen door het verrichten van een tegenprestatie, bijvoorbeeld vrijwilligerswerk. Behalve dat ik dat een goed idee vind (eigenwarde, zelfrespect), deed me dit ook denken aan wat ik in het boek #Easycratie heb gelezen (hoofdstuk 7). In een Braziliaanse sloppenwijk kon men muntjes verdienen door te helpen met bijvoorbeeld het verzamelen van zwerfvuil, er werd betaald per ingeleverde zak huisvuil. Met de muntjes kon men een busrit betalen. Er werden dus 2 problemen tegelijkertijd aangepakt: armoede en zwerfvuil.
De schrijvers van Easycratie, Martijn Alander en Erwin Witteveen, stellen vervolgens, dat dit systeem morgen in Nederland ingevoerd kan worden. Met de verdiende muntjes kan men bijvoorbeeld kaartjes kopen voor voorstellingen. Veel voorstellingen hebben lege stoelen.
Een soort airmiles, maar dan overal te gebruiken.
Dit idee verdient uitwerking. Ik zie daar meer in dan in de bankpas. Dat vraagt nogal wat controle en wat te doen bij gebleken verkeerd gebruik?

Wie wil een Hanzelab financieren om het muntjesidee verder uit te werken?

1 reactie

Opgeslagen onder Zwolse politiek

De toekomst van de bibliotheek

Afgelopen maandag heeft de raad gedebatteerd over de herhuisvesting van de bibliotheek en de mogelijke komst van een internationale retailer.
Gelet op allerlei reacties, kan het geen kwaad iets meer te zeggen over de achtergrond.
De bibliotheek is al jaren bezig met haar toekomst: wat moeten we doen om de komende jaren levensvatbaar te blijven om zo een bijdrage te blijven leveren aan het lezen en aan het beschikbaar stellen van informatie.
Eén van de manieren is de bibliotheek in te richten volgens het winkelconcept. De bezoeker kijkt dan niet aan tegen de ruggen van allerlei in kasten neergezette boeken. Nee, de boeken worden gepresenteerd als in de boekhandel. Dit concept is toegepast in de wijkbibliotheken in Zuid en in Stadshagen. Met succes, want tegen de landelijke trend in, groeit het aantal lezers en het aantal uitleningen. De bibliotheek in Zwolle trekt landelijk de aandacht, krijgt prijzen en ontvangt regelmatig andere bibliotheken om haar succes toe te lichten.

Dit winkelconcept wil men ook in de centrale bibliotheek in het oude provinciehuis toepassen. Alleen, het gebouw leent zich daar niet voor. Er zijn vaker verhuisplannen geweest, maar het ging nooit door omdat er zich geen koper aandiende. Dat is wel voorwaarde, omdat de herhuisvesting betaald moet worden uit de opbrengst van de verkoop. Dat gaf de raad maandag ook nadrukkelijk aan: geen extra budget.
Nu dient zich zo’n koper aan en kan er dus concreet worden nagedacht over herhuisvesting. Noodzakelijk voor een gezonde toekomst van de bibliotheek.

Met andere woorden: de bibliotheek moet niet wijken voor een internationaal opererende winkelketen. Nee, de bibliotheek kan werken aan een gezonde toekomst omdat zich een koper aandient voor hun huidige onderkomen.
En daar ben ik blij mee.

4 reacties

Opgeslagen onder Zwolse politiek

WOZ waarden, een ervaring rijker en een illusie armer

Ik heb al eerder gemeld dat ik ontevreden ben over de waardebepaling van ons appartement. Ik heb pro-forma bezwaar gemaakt en ben vanmorgen op gesprek geweest bij de taxateur. Althans, ik dacht dat het een gesprek zou worden.

Maar eerst nog even de aanleiding.
Vorig jaar werden we nogal hoger aangeslagen dan het jaar daarvoor. Voor het belastingjaar 2011 was de waarde 236.000 euro. Het jaar daarop werd ons bericht dat de waarde voor het belastingjaar 2012 was berekend op 252.000 euro. We hebben in een gesprek duidelijk gemaakt dat de referentiewoningen niet de juiste waren en dat heeft geleid tot een nieuwe waarde: 239.000 euro.
De waarde voor het belastingjaar 2013 komt nu op 251.000 euro, zo werd ons bericht.
Wat in mijn ogen nogal curieus is, is dat 2 van de drie referentiewoningen dezelfde waren als vorig jaar.
Dat lijkt mij op zijn minst discutabel omdat vorig jaar ons bezwaar is gehonoreerd.

Vanmorgen dus op gesprek geweest. Dat wil zeggen, ik was voor een gesprek uitgenodigd.
Maar het was geen gesprek. Het was een monoloog, die begon met hoe de waardebepaling in zijn werk gaat, dat het tegenwoordig elk jaar gebeurt en hoe het werkt met referentiewoningen. Dat weet ik allemaal wel, ik wil graag praten over de getallen en hoe het zich verhoudt met de waarde van vorig jaar. En vooral, wat de betekenis is van het honoreren van ons bezwaar toen, voor de bepaling nu en het gebruik van twee dezelfde referentiewoningen.
Dat leverde drie opmerkingen op:
1. ik voer de wet uit
2. ik heb niets met vorig jaar te maken
3. wellicht is de schatting vorig jaar te laag geweest
Geen schim van een gesprek te bespeuren. Ik ben opgestapt. Ik wil graag serieus genomen worden.

Nog een saillant detail.
De wet van Murphy werd er bij gehaald. Het bleek dat in mijn taxatierapport niet de gebruikte referentiewoningen waren opgenomen.

Welke conclusies trek ik?

  1. Een aantal jaren geleden is de huidige procedure ingevoerd, mede op mijn initiatief. De bedoeling was om in een goed gesprek waar mogelijk bezwaar maken met de bijbehorende procedures, te voorkomen. Als de gesprekken verlopen op de manier, zoals ik dat vanmorgen heb ervaren, dan werkt dat voor geen meter. Ik krijg het gevoel van “u mag wel wat zeggen, maar denk niet dat er dat verandert”.
  2. Er is bij de waardebepaling kennelijk geen benadering van prijsontwikkeling door de jaren heen. Immers, de taxateur zegt, dat hij met vorig jaar niets te maken heeft.
  3. De afdeling mag fouten maken (onjuiste referentiewoningen opvoeren in taxatieverslag), zonder dat het gevolgen heeft. Zonder gêne wordt verwezen naar de wet van Murphy.
  4. Ik heb ooit geschreven dat de burger meer gezien moet worden als partner dan als potentiële vijand. Vandaag bleek het omgekeerde.

Uit reacties blijkt trouwens, dat ik niet de enige ben. Dat vind ik treurig.

10 reacties

Opgeslagen onder Zwolse politiek

Muzerie, een terugbik op de besluitvorming

Een nogal turbulent verlopen debat in meerdere delen is gisteren afgerond.
Uit reacties blijkt dat niet alle ins en outs bekend zijn en dus aanleiding kunnen zijn voor misverstand.
Het is vorig jaar juni begonnen.
De raad besloot toen bij de behandeling van de PersPectiefNota het vrijetijds segment over te laten aan het particulier initiatief. Dat is een ingrijpend besluit omdat het daarbij gaat om de positie van personeel dat nu de VT-lessen bij de Muzerie verzorgt. Dat vraagt een zorgvuldige begeleiding. Daar is budget voor beschikbaar. Maar dat is natuurlijk niet genoeg. Het moet vooral om de menselijke maat gaan.
Het was een besluit waarmee de directie niet gelukkig was. Maar het is wel de nieuwe werkelijkheid voor de directie.

De raad moest ook antwoord geven op de vraag op welke manier cultuureducatie handen en voeten gegeven kan worden.
De Muzerie is gevraagd hiervoor voorstellen te doen.
Deze voorstellen zijn besproken in de raad. Aandachtspunten waren vooral de omvang voor de formatie die moet worden ingezet en of de Muzerie wel de organisatie is, die de rol op zich moet nemen van het bij elkaar brengen van vraag en aanbod.
Dat heeft vorige week geleid tot een amendement (aanpassing van het besluit), waardoor in het besluit is opgenomen dat er een contra-expertise wordt uitgevoerd.
Er werd ook een motie ingediend die een uitspraak van de raad vroeg over de te onderzoeken punten door de contra-expertise. De tekst suggereerde dat het vooral niet de Muzerie moet zijn die de verbindende rol op zich neemt.
De stemmen staakten, dus moest de motie opnieuw in stemming worden gebracht. Dat was gisteren.
De afgelopen week werd duidelijk dat er nogal wat onrust was ontstaan. Aannemen van deze motie zou immers het einde van de Muzerie betekenen.
Gelukkig hebben de indieners ingezien, dat de tekst van deze motie te onduidelijk was. Daarom is deze motie ingetrokken en is gisteren een nieuwe motie ingediend.
De nieuwe tekst vraagt om onderzoek naar wat sobere en doelmatige formatie-omvang is en of de Muzerie de juiste organisatie is om de opdracht uit te voeren. Daarmee wordt de Muzerie in haar waarde gelaten. En dat is een belangrijk winstpunt, vergeleken met de ingetrokken motie. De nieuwe motie is met een grote meerderheid aangenomen.
Ook het voorstel is aangenomen.

Nu kan het belangrijke werk beginnen. Het beschrijven van de transitie (de overgang van de oude naar de nieuwe situatie) met veel aandacht en zorg voor het personeel.
Ook de rol van de Muzerie moet goed beschreven worden en vooral ook de betrokkenheid van de andere culturele instellingen die Zwolle rijk is.
Dat wordt allemaal in een voorstel neergelegd, waarover de raad nog voor de zomer zal beslissen.

Het belang van cultuur zien we als onverminderd groot. We gaan het wel op een andere manier onder de aandacht brengen: opsporen van talent (cultuureducatie) en daarna het ontwikkelen van dat talent (particulier initiatief).

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Zwolse politiek