Maandelijks archief: april 2016

AZC referendum: verwarrend instrument

Ik heb al eerder wat geschreven over haken en ogen van het instrument referendum (https://johnvanboven.com/2016/04/14/referendum-2/).
Ook het Oekraïne referendum heeft laten zien dat wanneer de vraagstelling niet eenduidig is, verschillende argumenten en overwegingen tot een keus voor ja of nee kunnen leiden. Dat levert een ongenuanceerd beeld. Het enige concrete zijn dan de percentages ja en nee.

Naar mijn mening dreigt dat weer te gebeuren, nu met het AZC-referendum. Volgens het inleidend verzoek gaat het over het volgend raadsbesluit:
ln te stemmen met de vestiging van een asielzoekerscentrum in Zwolle op de gehele locatie aan de Dokter van Thienenweg I met een aantal van maximaal zeshonderd vluchtelingen voor een periode van maximaal vijftien jaar.

De narigheid is dat de letterlijke tekst van het besluit moet worden voorgelegd in het referendum. En dan kun je dus niet om bovenstaande tekst heen.
Een paar vragen:
– Hoe moeten mensen stemmen die niet tegen de komst van een AZC zijn, maar wel tegen het onderbrengen op één lokatie;
– Hoe moeten mensen stemmen die niet tegen een AZC zijn, maar niet meer dan bijvoorbeeld 400 statushouders willen opvangen.
Wellicht zijn er nog andere varianten.

Het ware beter geweest wanneer het dictum van het besluit was opgedeeld:
1. Instemmen met de opvang in Zwolle van maximaal 600 status houders
2. Hen onder te brengen in 1 AZC op de lokatie dr. Van Thienenweg 1
3. En dit voor een periode van maximaal 15 jaar.

Ik weet niet of een referendum uit meer dan 1 vraag mag bestaan, in ieder geval hebben indieners dan de keus uit een dictum-onderdeel dat voor hen het zwaarste weegt.
Ik ben bang voor een uitkomst die, wanneer hij geldig is, zal leiden tot een debat over de interpretatie van de uitkomst.

Voor de goede orde, ik zelf ben blij met het genomen besluit. Wat mij bezighoudt is het ongemakkelijke van het instrument referendum door de generaliserende formulering.

Tot slot, ik hoop oprecht dat er ook een begeleidingsgroep wordt ingesteld die de ontwikkelingen volgt, en die de ruimte krijgt om knelpunten te bespreken en verbeteringen voor te stellen.

Advertenties

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Zwolse politiek

Stadkamerrapport

imageHet Lysiasrapport over de gang van zaken met besluitvorming over de Stadkamer is vandaag verschenen.
Na een beschrijving van de feitelijke gang van zaken kent het rapport drie invalshoeken:
de asbestproblematiek
de kostenoverschrijding
de projectbeheersing

  • De eerste conclusie over het asbest is, dat er in het koopcontract geen ontbindende voorwaarde is opgenomen. In de loop van de tijd blijkt dat de omvang van de asbesttoepassingen uitzonderlijk te noemen is. De aanwezige “vrijgave na asbestsanering” wordt verkeerd geïnterpreteerd: “het betreft echter alleen een mededeling dat een (gedeeltelijke) asbestsanering daadwerkelijk heeft plaatsgevonden. De suggestie dat daarmee het pand vrij van asbest is, is niet juist.”
    Daarom stelt het rapport: “de gemeente heeft onvoldoende beseft dat in het koopcontract aandacht nodig was voor het verminderen van asbestrisico’s voor de kopende partij (de gemeente).” Het rapport meldt dan ook dat de projectgroep geen expertise in huis had voor een adequaat oordeel.
  • Het hoofdstuk over kostenoverschrijding geeft een beeld van onzorgvuldigheid. Een behoorlijk aantal keer is te lezen dat kosten in 2014 niet geraamd waren. Bijstelling bleek nodig op basis van omstandigheden die in 2014 ook al aanwezig waren.
    Ook goed te melden is de opmerking dat “de raad een krediet beschikbaar stelt van € 8.970.000. De raad besluit daarmee dat het gehele project budgettair neutraal dient te worden uitgevoerd.” Ik constateer maar dat er geen woord gerept wordt over “structurele vrijval van verkoopopbrengsten”
  • Als oud voorzitter van de Rekenkamercommissie die o.a. een rapport geproduceerd heeft over “Risicobeheersing van grote projecten”, vind ik het hoofdstuk over projectbeheersing het meest interessant. Ik meld waarnemingen en conclusies.
    Hoewel er gewerkt is volgens het handboekProjectmatig werken voor ruimtelijke projecten, zijn er volgens het rapport drie kanttekeningen te plaatsen:
    Er zijn onvoldoende checks and balances in het project georganiseerd
    De projectorganisatie beschikte niet over voldoende specifieke deskundigheid voor een aantal specialistische onderwerpen van het project
    Het fasedocument dat gebruikt werd gaf onvoldoende sturing voor realisatie van het project.

Bij projectbeheersing hoort ook een adequate rapportage aan de raad. Het rapport zegt daar een aantal dingen over, waaronder het volgende: “In de informatievoorziening aan de raad is relatief weinig aandacht besteed aan het feit dat het project aan de kant van de Diezerstraat (verkoop aan Dela, verhuur aan Zara) geen planningsruimte bevatte en dat tegenvallers in de verbouw van het GGD pand dus niet konden worden opgevangen”

Dit hoofdstuk over projectbeheersing eindigt nogal kritisch. Ik denk dan aan de volgende opmerkingen.
– “We constateren ook dat de projectorganisatie niet scherp genoeg is geweest op het doordenken van de gevolgen van mogelijke risico’s.
– “Door alleen extra plankosten van een half jaar op te nemen als kosten van vertraging is sprake van een onderschatting van het werkelijke risico van uitloop in de planning in het deelproject Stadkamer.
– “Verder constateren we dat de voortgangsrapportages die de raad tweemaal per jaar krijgt aangereikt weinig relevante informatie bevatten om als raad een goed beeld te krijgen hoe het project er voor staat in termen van risico’s.”

Veel om over na te denken.
Voor mij is duidelijk dat een verbeterde versie van het handboek Projectmatig werken, geen garantie blijkt te zijn voor het daadwerkelijk handelen en optreden.

1 reactie

Opgeslagen onder Zwolse politiek

Referendum

imageIn dit stuk(je) nog een keer wat losse gedachten over het instrument referendum.
Om misverstanden te voorkomen, ik ben erg voor het betrekken van burgers bij het maken van beleid. Laat daar geen misverstand over bestaan.
Ik ben meer op zoek naar het antwoord op de vraag of vandaag de dag een referendum wel het goede instrument is.
De hele gang van zaken met het referendum over het associatieverdrag met Oekraïne laat toch wel zien, dat er veel te verbeteren valt.

Het raadgevend referendum is vooral bedoeld om te weten te komen hoe kiezers over een bepaald dossier denken. Niet om het klakkeloos te honoreren, wel om het mee te nemen in de overwegingen die tot een standpunt moeten leiden. Het komt dan wel aan op de formulering van de vraagstelling. De uitslag op een ja/nee vraag helpt niet bij de uiteindelijke overweging.

Om dezelfde reden is een referendum niet geschikt voor complexe vraagstukken. Zo’n vraagstuk laat zich niet versimpelen tot een vraagstelling die gebruikt moet worden bij een referendum.
Overwegen doe je door meerdere kanten en argumenten tegen elkaar af te wegen. Dan maakt het nogal uit welk gewicht je aan welk argument toekent.

Een beleidsbeslisser ( Tweede Kamerlid, raadslid) moet ook meerdere belangen tegen elkaar afwegen. Initiatiefnemers van een referendum hebben doorgaans maar één belang, het eigen belang. De uitslag van een raadgevend referendum ontslaat de beslisser dan ook niet van overwegen en afwegen. In dit verband vind ik het uiterst merkwaardig, dat partijen voordat het referendum gehouden werd, al opmerkten de uitslag te zullen honoreren. Daardoor is het referendum in mijn ogen een bindend referendum geworden.

De gang van zaken met het referendum van vorige week laat in ieder geval zien dat de procedure een update verdient.
Het gemak waarmee met behulp en inzet van social media de drempel van het aantal aanvragers kan worden geslecht, vraagt om een verhogen van de drempel. Niet alleen de toegangsdrempel, maar ook de drempel die gepasseerd moet worden om de uitslag geldig te maken. Die drempel is nu minimaal 30% opkomst en een meerderheid.
In Zwolle bijvoorbeeld is de uitslag van een raadgevend referendum geldig wanneer 30% van de kiesgerechtigde Zwollenaren voor gestemd heeft (bij ja/nee), dan wel een voorgenomen besluit verworpen heeft. Dus niet niet gekoppeld aan opkomst, maar aan het aantal kiesgerechtigden.
Een ander punt is de aanvraag voor een referendum. Duidelijk moet zijn waarom men een referendum wil. De gang van zaken bij het Oekraïne referendum liet zien dat er een verborgen agenda onder lag, die weinig van doen had met de ingediende reden om een referendum te houden.

Ik denk dat er dus voldoende reden is, om de gang van zaken met een referendum grondig tegen het licht te houden en op bepaalde punten aan te passen.
Veel beter nog is om heel hard na te denken over de infrastructuur die nodig is om de veranderde verhouding tussen overheid en burger te honoreren. Dat kan alleen als er de bereidheid is, om de bestaande structuur te laten voor wat hij is.

2 reacties

Opgeslagen onder algemeen

9,3 – 13,5 is geen tekort

imageOnlangs stond er een artikel in de Stentor onder de kop “Verhuizing bieb:13,5 miljoen”. In de onderkop werd gemeld dat de oude bieb 9,3 miljoen heeft opgeleverd en dat de verhuizing 13,5 miljoen kost.
Geen tekort, zegt de wethouder, want “het benodigde krediet van 13,5 miljoen euro dekken we uit de structurele vrijval van de verkoopopbrengsten van 9,3 miljoen euro.”

Ik probeer dit te begrijpen, tot op heden is dat niet gelukt. Vooral ook niet omdat ik dit soort formulering in de onderliggende stukken niet ben tegengekomen.

Een korte bloemlezing:
– In de notitie van 30 januari 2013 is o.a. te lezen dat als risico gezien wordt dat de combinatie van de inzet van (een deel van) de verkoopopbrengst en de huidige huurdekking van de bibliotheek te weinig financiële middelen oplevert voor adequate herhuisvesting van de bibliotheek.
Dit risico is hanteerbaar, aldus het college, omdat de doelstelling niet is de hoogste verkoopopbrengst maar het budgettair neutraal realiseren van een bovenregionale trekker en een kwaliteitsslag voor de bibliotheek. Als dat niet lijkt te gaan lukken is dat een beslismoment voor de raad.

Overigens, in deze notitie wordt zowel koop als huur overwogen.

– In een notitie van 3 februari 2014, over programma van eisen herhuisvesting lezen we naar aanleiding van de uitgesproken voorkeur voor huur (De gemeentelijke voorkeur gaat uit naar huur van een vastgoedobject voor maximaal tien jaar. Opties tot verlenging zijn bespreekbaar. Koop van een vastgoedobject geniet niet de voorkeur, doch wordt op voorhand niet uitgesloten):
Uitgangspunt is dat de transformatie van de huidige locatie en herhuisvesting van de bibliotheek minimaal budgettair neutraal moet worden vormgegeven. Er dient door de vastgoedeigenaren in hun prijsstelling rekening te worden gehouden met de maatschappelijke functie van de bibliotheek. Commerciële huurtarieven passen niet bij de aard en financiering van deze functie.
(NB: minimaal budgettair neutraal dus).

In een notitie van 4 februari 2014 over de rapportage over het proces selectie herhuisvesting locaties is over de financiële haalbaarheid het volgende te lezen:
De huisvestingslasten voor de nieuwe vestiging van de bibliotheek bestaan uit kosten in verband met de huur of koop van het gebouw, kosten in verband met het verbouwen van het gebouw om het geschikt te maken voor de bibliotheekfunctie, lasten in verband met het afbouwen van het gebouw en exploitatiekosten van het gebouw. Wat de huisvestingslasten van de geherhuisveste bibliotheek betreft geldt dat deze huisvestingslasten gedekt moeten kunnen worden uit de verkoopopbrengst van het gebouw aan de Diezerstraat waarin nu de bibliotheek is gevestigd en de beschikbare dekking binnen de bibliotheekbegroting voor de jaarlijkse exploitatielasten. Er dient door de vastgoedeigenaren in hun prijsstelling rekening te worden gehouden met de maatschappelijke functie van de bibliotheek.
De financiële haalbaarheid GGD gebouw wordt hoog ingeschat. De financiële doorrekening van de herhuisvesting van de bibliotheek in het GGD-gebouw waarbij de gebouwdelen worden gekocht en worden verbouwd ten behoeve van de inpassing van het PvE van de bibliotheek, laat zien dat de herhuisvesting financieel haalbaar is binnen het gestelde budgettaire neutrale financiële kader.

Ik vind de opmerking over de structurele vrijval van de verkoopopbrengst niet terug in de teksten in de verschillende notities die gaan over de financiële dekking van het voorstel.
Daar kunnen 2 redenen voor zijn.
De eerste is, dat ik het begrip structurele vrijval van de verkoopopbrengst niet begrijp. Ik ben dan ook nieuwsgierig naar de op papier onderbouwde berekening.
De andere reden zou kunnen zijn dat er geruime tijd is uitgegaan van huur. En dat is toch wat anders dan kopen met alle kosten van aanschaf en gebruik-gereed maken. Ik vraag me af of de late switch van huur naar koop de oorzaak is van in mijn ogen onvoldoende onderzoek naar mogelijkheden en onmogelijkheden.

Ik wacht de onderbouwing door de wethouder af in de geest van wat er in de notities te lezen is.

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Zwolse politiek

Referendum

imageIedereen die mij een beetje kent weet dat ik een groot pleitbezorger ben van betrokkenheid van burgers bij beleidsontwikkeling. Dus meer dan een één-keer-in-de-vier-jaar betrokkenheid. In jargon: van representatieve democratie naar deliberatieve democratie.
Voorwaarde is wel dat de politieke infrastructuur wordt gewijzigd, en niet, zoals ik nog te vaak zie, de burgers in de bestaande structuur worden geperst.

Eerlijk gezegd is een referendum ook een relict uit de oude infrastructuur. En daarom heb ik om meerdere redenen moeite met een referendum.
Ik noem een paar redenen, in willekeurige volgorde.
1. De dossiers zijn vaak te complex om samengevat te kunnen worden in een éénduidige vraagstelling, laat staan in een simpele ja/nee vraag.
2. Burgers die een referendumvraag beantwoorden, hoeven zich niet verantwoordelijk te voelen voor de gevolgen van het ingenomen standpunt.
3. Afhankelijk van het type referendum, is de kans groot dat een kleine groep mensen aangenomen beleid in de Tweede Kamer overruled. Een Kamer, die democratisch verkozen is.
4. Het uitgevoerd krijgen van een referendum is met de breed gebruikte social media op basis van de huidige drempel vergemakkelijkt.
5. Het jongste referendum laat zien, dat het instrument referendum oneigenlijk gebruikt kan worden.

Ben ik tegen grotere invloed van burgers bij alles wat met ontwikkelen van beleid te maken heeft. Nee dus, zoals ik in de eerste zinnen van dit stukje al duidelijk heb gemaakt.
Ik zou graag willen, dat er een groep mensen na gaat denken over de manier waarop burgers beter en meer betrokken kunnen worden. Een referendum hoort bij de bestaande structuur.
Zoek naar nieuwe instrumenten, die onderdeel zijn van een infrastructuur die past bij de veranderde bestuurlijke verhoudingen en verantwoordelijkheden tussen overheid en burgers.

Dat gaat niet van vandaag op morgen. Ondertussen moet dan wel het fenomeen tegen het licht gehouden en op onderdelen aangepast aan de mogelijkheden van vandaag:
– Pas de drempel aan het nu gemakkelijker kunnen halen van die drempel, door komst van social media
– Zorg voor een meer eenduidige formulering van de aanvraag om zoveel mogelijk een verborgen agenda van de indieners te voorkomen.

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder algemeen

AZC en klankbordgroep

Ik herinner me nog het rumoer rond de vestiging van de Herberg aan de burgemeester Drijbersingel. De buurt vond het maar niks en voorzag allerlei problemen.
Het college heeft toen een soort klankbordgroep ingesteld die met zekere regelmaat bij elkaar kwam om allerhande zaken te bespreken. In die klankbordgroep was ook de buurt, de directie omgeving dus, vertegenwoordigd.

Het college heeft gehoord de buurt haar voorstel bijgesteld: recreatie op eigen terrein en een maximum van 600 asielzoekers.
Daarmee blijkt de onrust nog niet weggenomen.
Het zou mij dan ook een goed plan lijken, wanneer het college een klankbordgroep ( of iets dergelijks) instelt met o.a. inwoners uit de directe omgeving, die met regelmaat de gang van zaken bespreekt en eventuele noodzakelijke maatregelen bespreekt.
Wat mij betreft wordt deze klankbordgroep zo snel mogelijk ingesteld en geactiveerd.

2 reacties

Opgeslagen onder Zwolse politiek

Coalitieakkoord, afspraak of juk?

imageGelet op de teneur van het artikel in de Stentor over vrije sluitingstijden (woensdag 6 april) kan het geen kwaad iets te zeggen over het karakter van een Zwols coalitieakkoord.
Je kunt twee kanten op met zo’n akkoord.
De ene kant is onderhandelen tot je grijs ziet. Dan is het akkoord een vlak, nietszeggend document omdat er maar weinig is waarover de coalitiepartijen, met grote verschillen in het verkiezingsprogramma, het met elkaar eens zijn.
De andere kant is, dat er aan elke partij ruimte wordt geboden in het akkoord voor onderwerpen, die voor een partij van groot gewicht zijn en die specifiek zijn voor een partij.
Die ruimte betekent niet dat andere partijen het daarmee eens hoeven zijn, wel betekent het dat alle coalitiepartijen loyaal zijn aan het standpunt over zo’n specifiek onderwerp. Omdat te bekrachtigen hebben de fractievoorzitters van de coalitiepartijen hun handtekening gezet onder het akkoord.
Het is de bedoeling dat wat beschreven is in het akkoord omgezet wordt in daden, in overeenstemming met het in het akkoord geformuleerde standpunt over elk dossier.

Dan zijn er ook onderwerpen waarover bij de onderhandelingen niet gesproken is en waarover dan ook geen standpunt is geformuleerd. Dan kunnen coalitiepartijen dus verschillende standpunten hebben over zo’n onderwerp. Die ruimte is er en veroorzaakt dan ook geen spanning tussen de coalitiepartijen.

Concreet:
Over koopzondagen zijn in de onderhandelingen afspraken gemaakt en alle coalitiepartijen houden zich er aan. Ook al wordt er per partij anders over gedacht.
Over vrije sluitingstijden zijn geen afspraken gemaakt in het akkoord. Dus is er ruimte voor elke partij om daar een standpunt over te formuleren.

Kortom, praten over het juk van de CU, zoals de Stentor doet, doet geen recht aan de gang van zaken bij de onderhandelingen en ook niet aan het karakter van het coalitieakkoord.

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder ChristenUnie Zwolle, Zwolse politiek