Maandelijks archief: mei 2016

collegebesluit verruiming zondagopenstelling

Ik had me voorgenomen niet te reageren op reacties over het besluit van het Zwols college over zondagopenstelling van supermarkten en overige winkels.
Maar. Via een tweet van Janske Mollen kreeg ik inzage in het hoofdredactioneel commentaar van het RD. Na lezing dwingt dit commentaar mij toch wel tot een reactie.
Ik doe dat puntsgewijs.
1. Persoonlijk ben ik erg blij met het voorgenomen besluit. Die blijdschap wordt niet ingegeven omdat ik hu eindelijk kan winkelen op zondag. Ik zal dat niet doen. Het zit hem in de erkenning dat er veel Zwollenaren zijn die hun zondag op die manier wensen te gebruiken. Dat heeft niets te maken met hoe ik vind dat de zondag beleefd en ervaren moet worden.
2. Mijn stelling is altijd geweest tijdens mijn fractievoorzitterschap van de Zwolse ChristenUnie, dat we niet moeten opleggen maar moeten uitleggen. We kunnen als ChristenUnie de wijze waarop wij de zondag willen inrichten en gebruiken, niet opleggen aan anderen. Voor mij is de hamvraag of ik, met dit voorgenomen besluit, gehinderd word in mijn beleving van de zondag. En dat word ik niet.
3. Dit besluit is niet het resultaat van een onderhandeling, zoals het RD stelt, maar van de erkenning dat er veel Zwollenaren zijn die, wat de zondag betreft, andere keuzes maken. Keuzes die mijn beleving van de zondag niet in de weg staan. Dat getuigt van respect voor hen die andere keuzes maken.
4. Anderen dwingen om te gaan met de keuzes die ik maak, want dat doe je, helpt niet om van hen te vragen mijn keuzes te respecteren.
5. Ik ben het daarnaast eens met het onderscheid, dat het college maakt tussen supermarkten aan de ene kant en de overige winkels aan de andere kant. De supermarkten hebben laten weten middels een brief, dat ze eensgezind zijn in wat zij willen. Bij de overige winkels heb ik die eensgezindheid (nog) niet geconstateerd. Daar spelen meer zaken een rol, die nog niet zijn doorgesproken.
6. Tot slot, ik vind het merkwaardig dat het RD grote woorden gebruikt nu er 15 koopzondagen zijn, terwijl ik bij de al jaren gehanteerde opening van 12 zondagen het RD niet gehoord heb.

Advertenties

4 reacties

Opgeslagen onder Zwolse politiek

Stadkamer, Lysias en collegereactie

De Stentor bericht vandaag, zaterdag 14 mei, over de reactie van het college op het rapport van Lysias over de gang van zaken.
Op 14 april schreef ik een blog met mijn reactie op het rapport (https://johnvanboven.com/2016/04/14/stadkamerrapport/).
Vandaag een blog over de reactie van het college. Ik doe het puntsgewijs.
1. Het is een openhartige reactie, die duidelijk niet de bedoeling heeft de eigen opstelling goed te praten.
2. Tegelijk is het een punt van aandacht: wanneer leidt besef van dat het beter kan, ook tot beter gedrag. Duidelijk is, dat “besef hebben van” geen garantie is voor verbetering. Zie dit citaat uit de college-brief: “De casus van de Stadkamer laat echter zien dat deze ervaringen niet per definitie een garantie zijn voor vlekkeloos verlopende projecten. Ook laat deze casus zien dat een aantal aanbevelingen uit het Rekenkameronderzoek (2007, Risicobeheer grote projecten) beter toegepast had moeten worden. In dit specifieke geval zien we dat de risico inschatting beter had gemoeten. Er is veel nadruk gelegd op het voorkomen van geïdentificeerde risico’s en er is minder aandacht gegeven aan potentiële risico’s en het doordenken daarvan.” 
Dat doet mij de vraag stellen hoe de politiek- bestuurlijke verantwoordelijkheid van het college vertaald wordt naar de inhoudelijke, uitvoerende verantwoordelijkheid van de directie. Dat lijkt me iets om over na te denken. Ook het college maakt hierover een opmerking: “Vanuit het oogpunt van bestuurlijke sturing trekken wij hier lessen uit.”
3. Het valt me op dat de directie niet verder terug gaat dan 2011 met de notitie over de behoefte aan een regionale trekker ten behoeve van een sterke binnenstad. Al in 2007 laat het college weten onderzoek te laten doen met de volgende vraagstelling:
 De gemeente heeft Draaijer & Partners opdracht verleend om het volgende te onderzoeken: 
- Welk effect heeft de veranderende bibliotheek op de huisvestingsbehoefte van de bibliotheek. In hoeverre is het huidige gebouw van de bibliotheek geschikt om aan deze huisvestingsbehoefte tegemoet te komen.
 – Welke andere gebouwen zijn eventueel geschikt te maken voor de huisvesting van de bibliotheek en welke andere locaties zijn geschikt voor de bibliotheek. 
De uitkomst van het onderzoek luidde: “Er is geen urgentie om de bibliotheek te herhuisvesten; het is wel duidelijk dat het voor de bibliotheek beter is om op termijn te verhuizen”
 Met andere woorden, de bibliotheek moet niet verhuizen om plaats te maken voor de Zara. De bibliotheek kan nu verhuizen – waardoor tegemoet kan worden gekomen aan de inrichtingswensen van vandaag – omdat er een koper is. Een typische win-win situatie.
4. Ik vind, in het licht van punt 2, aanbeveling 6 een belangrijke aanbeveling: “maak een integraal verbeterplan om de lessen uit het onderzoek en de interne leerpunten door te voeren en te borgen.”
Valkuil is wel, dat je er met een verbeterplan alleen niet bent.

De Raad moet natuurlijk een oordeel hebben over de gang van zaken, daarbij gebruik makend van het Lysiasrapport. Wat ik belangrijker vind, is het antwoord op de vraag hoe je afspraken op papier, mede opgesteld naar aanleiding van het Rekenkamerrapport, tussen de oren van betrokkenen krijgt. Vertrekpunt kan dan de opmerking van het college zijn over de bestuurlijke sturing.

Het wordt 23 mei een interessante vergadering.

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Zwolse politiek

Referendum en koopzondagen

Voor de goede orde: wat ik hier schrijf is mijn persoonlijke opvatting. Niet gepolijst door welke discussie met wie dan ook.
In Zwolle staat op dit moment het referendum opnieuw in de belangstelling, nu over een voorgenomen referendum over koopzondagen. Dit dossier kent meerdere aspecten. Ik ga er een paar bij langs.

Om te beginnen, de (gewenste) toegenomen betrokkenheid van burgers bij de politiek tussen de verkiezingen in. Dat zie ik op zich als een goede zaak. Ik ervaar de wens om een referendum wel als een uiting van ontevredenheid van een minderheid. Een meerderheid van de gekozen raadsleden neemt een besluit, waar een minderheid het niet mee eens is. Zegt dan, ik ben niet gehoord. En geeft daarmee de suggestie dat “luisteren naar” hetzelfde is als “doen wat gezegd wordt”.
Daar komt nog wat bij, wat het instrument referendum in mijn ogen tot een niet adequaat instrument maakt. Het belang van de referendum-aanvrager(s) is altijd smaller dan de afweging die de Raad maakt. Ze zijn niet verantwoordelijk voor mogelijke gevolgen van hun standpunt.
Wat ik hier van leer, is dat er hard moet worden nagedacht over instrumenten, die burgers op een betere manier betrekken bij beleidsvorming.
Er is een verschuiving te zien van representatieve naar participatieve democratie. Alleen, we hebben daar nog geen geschikte instrumenten voor. Er is veel over geschreven en gediscussieerd, maar dat heeft nog niet geleid tot bruikbare instrumenten.

Het wellicht komende koopzondagen referendum heeft ook een principiële kant. Hoe ga je als christen-politicus om met de wens om op zondag de winkels open te hebben.
Ik heb altijd gezegd dat ik er wilde zijn voor alle Zwollenaren én dat ik niet wil opleggen maar uitleggen.
Wat zijn dan mijn overwegingen bij dit dossier?
Moet ik me sterk maken voor zondag-sluiting omdat ik vind dat winkelen niet past bij mijn opvatting over de zondag? Dat gaat op opleggen lijken.
Ik mag me wel afvragen of besluiten op dit punt mijn beleving van de zondag in de weg staan. Dat is een legitieme vraag voor een christen-politicus. Mijn zondag beleving wordt niet beïnvloed door winkelen op zondag. De vraag is wel of kerkgang naar bijvoorbeeld de Grote Kerk hinder kan ondervinden van winkelen op zondag. (Parkeerperikelen, geluidsoverlast wellicht).
Daarnaast moet de raad zich afvragen of zij een verantwoordelijkheid heeft voor winkeliers die mogelijk geen financiële ruimte hebben om op zondag open te zijn, denk aan extra personeelskosten. Hoort dat bij ondernemen of mag/moet je hen beschermen. Dit is geen religieus maar een economisch dilemma.

Kortom.
– een referendum vind ik een gemankeerd instrument, er moet een betere manier komen om burgers te betrekken. Dat zou nu kunnen via de beloofde “halverwege evaluatie”.
– Ik persoonlijk zie ruimte voor tegemoet komen aan de vraag. Helemaal vrijlaten zal gevolgen hebben die ik op dit moment niet overzie.
– Er moet een denkgroep komen die aan de slag gaat met het ontwerpen van een nieuwe infrastructuur, die past bij de grotere betrokkenheid van burgers. Er is daarvoor een overvloed aan literatuur.

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Zwolse politiek

Koopzondagen referendum

De Stentor bericht vandaag, maandag 9 mei, over het voornemen een referendum te organiseren over de koopzondagen. De wens is, om al dan niet open te zijn op zondag, over te laten aan de ondernemers zelf. Zij voelen het 12-zondagen-open-besluit als achterhaald en knellend.
Ik zie het al gebeuren: allerlei interpretaties over aard van referendum; moet er niet eerst een besluit liggen; hoe verhoudt dit zich tot het collegeakkoord, kun je daar een voor één van de coalitiepartijen belangrijk besluit “zo maar” uit halen. Je loopt het risico at de discussie meer gaat over de procedure dan over de inhoud. Dat zou jammer zijn.

Om dat soort procedure-gesteggel te voorkomen lijkt het mij verstandig wanneer de coalitie het initiatief naar zich toetrekt door de beloofde “halverwege-evaluatie” te organiseren. Hierin kan dan ook de koopzondagen discussie een plek krijgen. Bovendien kan dan alles wat men bij de evaluatie wil betrekken in onderlinge samenhang worden bezien.

2 reacties

Opgeslagen onder Zwolse politiek