staatscommissie Remkes

De samenvatting uit de tussenrapportage van de staatscommissie Remkes:

De toekomst bestendigheid van het parlementair stelsel 

Volgens het instellingsbesluit heeft de staatscommissie tot taak de regering te adviseren over de toekomstbestendigheid van het parlementair stelsel, daarbij in overweging nemend dat: 

  • de Nederlandse burger meer betrokkenheid bij beleid en politiek ambieert, zoals onder meer blijkt uit onderzoek van het Sociaal en Cultureel Planbureau; 
  • de Europese besluitvorming voor de parlementaire taak en de vormgeving daarvan voor beide Kamers van de Staten-Generaal toenemende betekenis heeft;
  • veel taken de afgelopen jaren zijn gedecentraliseerd naar andere overheden;
  • de electorale volatiliteit sterk is toegenomen;
  • digitalisering en sociale media onmiskenbaar invloed hebben op het karakter van de representatieve democratie en het functioneren van het parlementaire stelsel; 
  • bezinning over verkiezing, taken, positie en functioneren van het parlementaire stelsel en de parlementaire democratie (in het licht van bovenstaande overwegingen) gewenst is.2

1. sterke en zwakke kanten van het parlementair stelsel 

  • Ten eerste is er een inherente onvolkomenheid in de representatieve democratie dat het altijd mogelijk is dat in het parlement ingrijpende besluiten worden genomen waarvoor onder de bevolking geen meerderheid bestaat.
  • Een tweede punt dat de staatscommissie als een belangrijk probleem ziet is de periode van de kabinetsformatie.
  • Een derde problematisch punt betreft het ontbreken van een duidelijke en algemeen aanvaarde rolverdeling tussen beide Kamers.

2. De historische ontwikkeling van het parlementair stelsel in Nederland 

  • Er is sprake van een gestaag proces van afnemende Koninklijke macht 
  • Waar het de machtsverhouding tussen de regering en parlement betreft, is er sprake van een niet-lineair verlopend proces.
  • De gestage democratisering heeft vooral via de uitbreiding van het kiesrecht, maar ook via de representatie van de burgers in volks vertegenwoordigingen, vorm gekregen.
  • De positie van politieke partijen binnen het politieke systeem is onmiskenbaar veranderd. Zo is er een ontwikkeling waarbij politieke partijen zich de laatste decennia steeds meer ontwikkelen tot instrumenten in handen van de politieke leiding.
  • De verkleining van het domein van de nationale overheid heeft geleid tot een vermindering van de invloed van alle instituties op nationaal niveau, dus zowel van regering als van het parlement.
  • Het zwaartepunt van de nationale volksvertegenwoordiging lag en ligt bij de Tweede Kamer.

3. Het parlementair stelsel in een veranderende maatschappelijke omgeving

In de loop van de afgelopen eeuwen hebben parlementarisering en democratisering het parlementair stelsel ontegenzeggelijk versterkt. Anderzijds hebben het functieverlies van politieke partijen, de domein verkleining van de nationale overheid en de sterkere positie van de regering in relatie tot het parlement die positie de afgelopen decennia ook weer verzwakt. 

De domeinverkleining en daarmee verminderde macht van de nationale overheid heeft in verschillende opzichten invloed op de werking van het parlementair stelsel. Op verschillende onderdelen zijn hier belangrijke democratische waarden in het geding  denk aan het gelijkheidsbeginsel bij de decentralisaties en aan het democratisch tekort van Europa.

Er is een inherente onvolkomenheid in de representatieve democratie zodanig dat het altijd mogelijk is dat in het parlement ingrijpende besluiten worden genomen waarvoor onder de bevolking geen meerderheid bestaat. Door coalitievorming kan dit verschijnsel nog worden versterkt. Zo kunnen op specifieke onderwerpen discrepanties ontstaan in de vertegenwoordiging van de bevolking in het parlement. Deze discrepanties worden problematischer naarmate deze thema’s belangrijker en polariserender worden geacht door de burgers. 

De periode van de kabinetsformatie is zowel staatsrechtelijk als vanuit het perspectief van de kiezer gezien een black box. Nadat de stemmen zijn geteld is het afwachten welke coalitie er wordt gevormd en hoe lang de formatie gaat duren. De kiezers hebben geen invloed op dit proces en moeten de uitkomst maar afwachten. Het zegt iets over de stabiliteit van de Nederlandse democratie dat de kiezers deze periode over het algemeen met geduld uitzitten. In dit verband moet ook het belang van een herkenbare coalitie en een herkenbare oppositie genoemd worden. 

Problematisch is het ontbreken van een algemeen aanvaarde rolverdeling tussen beide Kamers. Een procedure van geschilbeslechting ontbreekt.

De democratie kan rekenen op brede steun onder de bevolking. Er zijn geen aanwijzingen voor een legitimiteitscrisis van het parlementair stelsel.  De staatscommissie stelt echter vast dat de maatschappelijke onvrede bij met name achterblijvende groepen waarbij sprake is van een stapeling van achterstanden ook tot uiting komt in politiek wantrouwen. Via het strikt evenredige kiesstelsel heeft deze onvrede sinds het begin van deze eeuw een grotere stem gekregen in het politieke systeem. Maar er zijn ook mensen  die niet (meer) gaan stemmen. De staatscommissie wil nagaan of met aanpassingen en/of aanvullingen van het parlementair stelsel de effecten van de doorwerking van die onvrede in het politieke stelsel tegen zijn te gaan.

Ook de digitalisering heeft grote invloed op de (toekomstige) werking van het parlementair stelsel. Het gebruik van big data en micro targeting in verkiezingscampagnes en de mogelijkheid dat democratische instituties worden gehackt maken dat fundamentele democratische waarden in het geding kunnen komen. Hier gaat het primair om het waarborgen van een gelijk speelveld voor politieke partijen, het belang van een open en eerlijk verkiezingsproces waarbij kiezers worden geïnformeerd, bewust hun eigen keuze kunnen maken en vertrouwen hebben in het proces. 

Tot slot kan de staatscommissie niet om de veranderde relatie tussen kiezers en gekozenen heen. Ledenaantallen van politieke partijen zijn historisch laag en kiezers wisselen vaker van partij. Een substantiële groep kiezers herkent zich niet in de gekozen vertegenwoordigers en voelt zich niet vertegenwoordigd. Hoe staat het met de kwaliteit van de representatie, het funderend beginsel in de parlementaire democratie? In dit verband is de (toekomstige) rol van politieke partijen bij ideeënvorming, rekrutering, selectie en kandidaatstelling essentieel.

4. Zes thema’s voor het vervolg 

  • Volksvertegenwoordigers en representatie
  • Functieverlies politieke partijen
  • Kabinetsformatie en kiesstelsel
  • Weerbare democratie
  • Domeinverkleining nationale overheid: Europese integratie en decentralisaties
  • Tweekamerstelsel, referendum en constitutionele toets

Afsluitende opmerking:

Zoals al opgemerkt zal de staatscommissie de bovengenoemde zes thema’s verder gaan onderzoeken en bespreken. Belangrijk voor de commissie hierbij is de notie dat er een wisselwerking bestaat tussen institutionele vormgeving en politieke cultuur. Institutionele veranderingen alleen zullen niet in alle gevallen het beoogde effect sorteren

Advertenties

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder algemeen

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s