Tagarchief: bezuinigen

Het paard achter de wagen?

Het artikeltje in de Stentor “Sportclubs in het nauw” bracht me er toe om te kijken wat er in de Begroting 2016 staat over het programma Sport (programma 10), pagina 86 en 87.
Daar staan mooie teksten:
– samenleving wordt zich meer bewust van het belang van sport en bewegen in het kader van gezonde leefstijl en participatie
– Kerndoel van sportbeleid is een bijdrage leveren aan vitale inwoners. Sport en bewegen dragen als onderdeel van een gezonde leefstijl bij aan het langer gezond en actief zijn van inwoners.
– Wij zien in sport een uitstekend instrument om een bijdrage te leveren aan het bevorderen van arbeidsparticipatie.
– De sportverenigingen belichamen de kracht van de stad en het zelf organiserend vermogen en vormen nog steeds “het cement” binnen de lokale samenleving.
Ik herken deze overwegingen uit de tijd dat we een pleidooi voerden voor kunstgras.

Tegelijkertijd is er een bezuinigingsopdracht: in 2017 moet er 800.000 euro structureel bezuinigd zijn en dat betekent voor 2016 een structurele bezuinigingsopdracht van 300.000 euro.
In de begroting staat een aantal bezuinigingsvoorstellen, waaronder de 20% huurverhoging, waarover het artikel in de Stentor spreekt.

Waar ik benieuwd naar ben is, wat de impact is van de voorgenomen bezuiniging op de overwegingen hierboven genoemd en uitgebreider zijn verwoord in de begroting.
Sportverenigingen zien zich genoodzaakt de huurverhoging door te berekenen in de contributie. Ik kan me daar veel bij voorstellen. Dat kan leiden tot minder sportdeelname.

Dat kan betekenen:
– aanslag op gezonde leefstijl
– Geringere participatie
– Minder vitale inwoners
– Niet die arbeidsparticipatie die de gemeente zich wenst
– Verbrokkelen van het cement binnen de lokale samenleving.
Om maar wat te noemen.
Is er berekend welke kosten hiermee gemoeid kunnen zijn.
Het lijkt me dat je dat moet weten voor een verstandige afweging.
Ik wens de Raad veel wijsheid.

Advertenties

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Zwolse politiek

Cultuurnota en collegeakkoord

Afgelopen maandag hebben we in de raad gedebatteerd over de cultuurnota.
De nota is een uitwerkingsnota voor de komende paar jaar met de vorig jaar vastgestelde cultuurvisie als onderlegger. Bij de behandeling van de cultuurvisie hebben we uitgebreid gesproken over de visie op cultuur. De constatering toen was dat er geen echte keuzes werden gemaakt. Wel is toen afgesproken om voorafgaand aan de door het college te schrijven nota met de raad van gedachten te wisselen. Dat is gebeurd en nu lag er dus de nota.

De nota (uitvoering) is geschreven vanuit de bezuinigingsopdracht, zoals die in het collegeakkoord is opgenomen. Het college heeft drie opties voorgelegd: expansie, focus en krimp. De volgorde geeft een toenemend bezuinigingsresultaat.
De finale afweging – als het gaat om bezuiniging – wordt gemaakt bij de PersPectiefNota (PPN).
Onze conclusie is, dat de keus van het college voor focus goed aansluit bij onze insteek bij het debat over de cultuurvisie. Wij vonden dat de visienota te weinig focus liet zien.
Ik herhaal ook hier: als we bezuinigen, dan doen we dat niet om overbodige cultuur overboord te kieperen (of iets dergelijks). We doen dat om het huishoudboekje sluitend te krijgen en dan moeten er keuzes gemaakt worden, ook bij cultuur.

Er ontstond tijdens het debat een ander interessante discussie, dat de volgende dag een vervolg kreeg op Twitter.
D66 pleitte er voor om niet te bezuinigen op cultuur. Daar had ze redenen voor. Waar dan wel op te bezuinigen gaan ze aangeven bij de PPN, omdat dan zoals gezegd, de finale afweging wordt gemaakt. Per interruptie vroeg ik aan D66 waarom er niet werd uitgegaan van de politieke realiteit. Namelijk dat in het collegeakkoord is opgenomen dat er op het programma cultuur substantieel bezuinigd gaat worden. Ik vond en vind dat een reële vraag die niets te maken heeft met het accepteren of onderschrijven van het collegeakkoord. Wel met de vraag, op welke manier je als niet-collegepartij invloed kunt uitoefenen.
Er kwam direct een reactie van de SP, dat elke partij toch zelf mag zeggen hoe er met cultuur moet worden omgegaan en dat je er ook staat om je achterban te laten weten wat je standpunt is. Ik ontzeg vanzelfsprekend niemand het recht om te zeggen wat hij vindt dat hij moet zeggen. Ik redeneer vooral vanuit invloed. Het collegeakkoord is bewust open gebleven over de manier waarop we afspraken gaan invullen. Niet over wat we willen gaan doen en bereiken. Kort gezegd: de doelen zijn vastgelegd, niet de manier waarop.
In dat licht past de beslisnota van het college, die drie opties aan de raad voorlegt. En dan heb ik er geen moeite mee, dat een andere partij gaat voor een andere optie, dan wij doen. Wel zal duidelijk moeten worden of de afgesproken bezuinigingsopdracht gehaald wordt.

Men vond het debat te veel geld gestuurd en er was weinig visie te horen. Dat klopt natuurlijk. De visie is ruim een jaar geleden (dus nog in de vorige collegeperiode) aan de orde geweest. Deze uitvoeringsnota kent daarnaast de koppeling met de in het collegeakkoord afgesproken bezuiniging bij cultuur.

De behandeling van de PPN wordt ook dit jaar weer een spannende aangelegenheid. Het vastleggen van een lange termijn visie gekoppeld aan de bezuinigingskeuzes die gemaakt moeten worden.
Ik ben erg benieuwd.

John van Boven

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Zwolse politiek

stadsdichter en bezuinigen

Stadsdichter en bezuinigen

Het college is stelt voor om, vanwege de noodzakelijke bezuinigingen, niet opnieuw een stadsdichter te benoemen. In de Stentor is te lezen, dat de huidige stadsdichter en haar voorgangers een demonstratie hebben georganiseerd tegen dit besluit.

Dat is hun goed recht natuurlijk.

Maar als ik dan lees, onder verwijzing naar Potgieter, dat er toen ook een mentaliteit van lamlendigheid en onverschilligheid heerste, dan val ik wel over het woordje “ook”. Is de boodschap dat er nu een sfeer van lamlendigheid en onverschilligheid heerst omdat er wordt nagedacht over het niet weer benoemen van een stadsdichter?

Laten we zeggen, dat dit niet de beste manier is, om mij te overtuigen van het tegendeel.

Er moeten afwegingen worden gemaakt, en dan neem ik de volgende punten daarin mee:

– Zwolle bestaat meer dan 750 jaar, en in al die jaren hebben we 6 jaar een stadsdichter gehad. Ik geloof niet dat Zwolle in de resterende 744 jaar geen ziel gehad heeft. Daarmee zeg ik niet dat het flauwekul is. Ik wil wel relativeren.
– Het budget voor cultuur is ongeveer 10 miljoen euro meer, dan bijvoorbeeld het budget voor sport. Logisch dat er vooral ook naar het cultuurbudget wordt gekeken. De stadsdichter is gekomen in een tijd, dat er nogal wat geld te besteden was. De tering moet naar de nering gezet worden.
– Hoewel het op zich een gering bedrag is, geldt voor min wel dat vele kleintjes een grote maken. Dat geldt ook wanneer we het over bezuinigen hebben

Ik vraag me wel af of er niet een onderneming in Zwolle is, die de stadsdichter financieel wil ondersteunen. Ik kan er wel een paar noemen. Laat me dat nog niet publiekelijk doen.

John van Boven

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Zwolse politiek