Tagarchief: binnenstad

De binnenstad en het principe van NooitAf.

Onlangs (vrijdag 15 januari) stond er in het FD een artikel met als kop Geef volop ruimte aan de ondernemende binnenstad. Het artikel werd mij aangereikt door een Tweep, die mij vroeg naar mijn mening over dit artikel.
Eerst een voor mij saillante passage uit het artikel:
Het uiterlijk van binnensteden zal de komende jaren verder veranderen. Het aantal winkels en hun dominantie zal afnemen, al blijft retail natuurlijk een voorname drager van de binnenstad. Deze verandering hoeft helemaal niet erg te zijn mits er vooral wordt ingezet op meer wonen voor jongeren en ouderen, horeca (zoals altijd met mate), kleinschalig (ambachtelijk) werken, cultuur, onderwijs en zorgfuncties in de binnenstad.

Tegelijkertijd zullen centra compacter moeten worden. Er moet echt meer worden gewoond boven winkels en in de aanloopstraten. Zeker middelgrote gemeenten (met 30.000 tot 80.000 inwoners) moeten werken aan een binnenstad die met een kwart tot een derde kleiner is. We moeten leren centra (graag verplicht) opnieuw te verkavelen, kansloze gebouwen te slopen en parkeerplaatsen weg te halen.
Zo’n beschrijving is meer gericht op de situatie van nu, dan op de verwachte situatie. Een trend is dan niet genoeg. De specifieke richting mist dan.

In een DM schreef ik hem:

De narigheid van dit soort artikelen is, dat het confectie is. Er wordt, begrijpelijk, geen rekening gehouden met de specifieke, in ons geval, Zwolse situatie.
Een aantal gedachtenkapstokjes.
1. We moeten niet vergeten dat we al het nodige aan de binnenstad gedaan hebben. Hoe lang is het helemaal geleden dat er auto’s stonden op het Grote Kerkplein en op de Nieuwmarkt. Sterk verbeterd leefklimaat.
2. Ik denk aan de verandering van de busroutes waardoor de Eekwal weinig bussen meer kent en ook de Stationsweg. Minder fijnstof, dus beter leefklimaat.
3. Er moet meer nagedacht worden over de uiteindelijke samenstelling van de binnenstad, en dan heb ik het niet alleen over winkels. Als die visie er is kunnen gericht stappen gezet worden. En niet, wat ik nog te veel zie, de problemen van vandaag oplossen. Dat is richtingloos.
4. Er zijn beperkende factoren waarmee rekening gehouden moet worden. Ik denk dan aan het niet onbeperkt beschikbaar zijn van budget en aan versnipperde eigendomssituaties. Ik verwijs naar de moeizame situatie van de Weeshuisstraat.

Belangrijkste vind ik dus het van buiten naar binnen denken én weten wat je ziet als eindplaatje.
En er moet de bereidheid zijn om onderweg, bij gewijzigde omstandigheden, zaken bij te stellen. Iets waar de politiek, algemeen gesproken, niet erg goed in is.
Verplichte leeskost is wat dat betreft het boek “NooitAf” van Aslander en Witteveen. Zij schreven ook Easycratie.

Aanvulling op deze reactie.
Over het principe van NooitAf schreef ik eerder een stukje op mijn weblog (zie hieronder) en gebruikte het dossier van de verhuizing van de bibliotheek als voorbeeld: https://johnvanboven.com/2016/01/15/nooitaf-singulariteit-en-de-bibliotheek/

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder algemeen, Zwolse politiek

Overheid stapt uit binnenstad

Onlangs stond dit bericht op de voorpagina van het regiokatern van De Stentor. Ik heb er al een paar tweets aan gewijd, maar 140 tekens is te beperkt voor een echt inhoudelijke reactie.
De tussenkop luidt: meer zeggenschap voor ondernemers en bezoekers maakt centrum interessanter en kan bezoekersaantallen doen groeien.
(Even tussendoor. Er wordt kennelijk geen rol gezien voor de binnenstadbewoners. Althans, dat blijkt niet uit het bericht)

Ik vind het een goede beweging van de gemeente. Minder zeggenschap voor de lokale overheid, en meer voor ondernemers en bezoekers.
Niet duidelijk is hoe die zeggenschap inhoud moet gaan krijgen. En dat is nou net de cruciale factor.
Eigenaren van winkels en panden in de binnenstad krijgen een steeds grotere rol als het gaat om visie op en ontwerp van de binnenstad, begint het artikel.
Mijn vraag: hoe groot is die rol en waar bestaat die uit? Welke rol heeft de gemeenteraad? Ik moet denken aan de plannen van eigenaren en gebruikers van winkels aan de Oude Vismarkt. Het zag er mooi uit maar kreeg, in ieder geval in eerste instantie, niet de handen op elkaar van de gemeenteraad.

Bij visie en ontwerp gaat het ook over de belangen. De belangen van een gebied (Broerenkwartier bijvoorbeeld), maar ook over de belangen van individuele ondernemers. Dan kun je er op 2 manieren in zitten: ik ga voor mijn eigen belang òf ik ga voor het belang van “mijn” gebied, want dat is ook in mijn belang.
Daarbij kan ik me voorstellen dat het ondernemersbelang van een andere orde is dan het bezoekersbelang.
Het succes van betrokkenheid van ondernemers en van bezoekers (apart dan wel gezamenlijk) staat of valt met het begrip gezamenlijk. En gezamenlijk lukt alleen, is mijn overtuiging, wanneer allen gaan voor de tweede benadering: primair het belang van het gebied, want dat is uiteindelijk ook het belang van de individuele ondernemer.
Hoe regel je de zeggenschap in relatie tot de uiteindelijke verantwoordelijkheid van de gemeenteraad?
Moet je onderscheid maken tussen de zeggenschap van ondernemers en bezoekers. Zijn hun belangen overeenkomstig? Geef je de binnenstadbewoners hierin ook een (eigen) rol?

Waarom vraag ik me dit allemaal af?
Mijn ervaring leert dat slogans als “samen maken we de stad” en “interactieve beleidsvorming” onvoldoende inhoud krijgen wanneer deze benaderingen in bestaande structuren worden geperst. Zoiets heeft gevolgen voor het werk van ‘het stadhuis’ en van de gemeenteraad. Dat vraagt dus andere structuren.
Ofwel: verschuiving van zeggenschap vraagt nieuwe verantwoordelijkheidsstructuren.
Die heb ik nog niet gezien, laat staan gelezen.

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Zwolse politiek

Leegstand, en nu?

imageGisteravond bij Club Cele geweest, op hun verzoek.

Het onderwerp was leegstand. Wat kan/moet er gedaan worden om leegstand te verminderen en tegen te gaan. De moderator had drie gasten, Wim Waanders, wethouder René de Heer en de pas benoemde inspirator Rhoda van Eeden.

Terugkijkend heeft het naar mijn indruk weinig opgeleverd.
Ik gebruik dit stukje om wat door te mijmeren.
Er is een aantal spelers op het veld. De winkeliers, de vastgoed-eigenaren, de gemeente. Ieder in een eigen rol, met eigen verantwoordelijkheden en met eigen belang.
En toch, voor een geslaagde aanpak zullen ze elkaar moeten vinden.
Oplossingen zoeken bij één van de spelers leidt tot mislukken.
De winkelier moet inspelen op de veranderde kooptrend. Niets blijft het zelfde, er wordt flexibiliteit gevraagd. Waanders vertelde me gisteren, dat zij nu al weer denken aan restyling. Waanders weet dan het gaat om beleving en handelt er ook naar. De winkelier overleeft wanneer hij zijn omzet op peil houdt en weet om te gaan met het aankopen via internet. Ruimte maken dus voor funshoppen.
De vastgoedeigenaar wil gewoon rendement. Inkomsten uit verhuur. Hoe gaat een vastgoedeigenaar om met het niveau van de huur. Handhaaf je het niveau dan vertrekken er winkels en zijn de inkomsten nul. Met als risico ook nog eens, dat vertrokken winkels aanleiding kunnen zijn voor vertrek van de volgende. Hoe zoek je daarin evenwicht.
Wat is de rol van de gemeente? De gemeente heeft geen directe relatie met winkeliers en vastgoed, zoals deze twee dat onderling wel hebben. Ze kan niet meer dan beïnvloeden. Gisteren zei ik, dat de duiding inspirator geen goede is, de functie van Rhoda van Eeden is meer een katalysator: het beïnvloeden van de reactiesnelheid zonder zelf aan de reactie deel te nemen (scheikundeleraar geweest).
Op een ander vlak heeft de gemeente wel een rol. Het veraangenamen van de omgeving, verbeteren van het verblijfsklimaat. Daar hoort ook een goede bereikbaarheid bij. Aanrij-routes, parkeergelegenheden.

De spelers kunnen niet zonder elkaar. Zoals ik al zei, oplossingen moeten werken bij alle spelers. Dan vraagt samenspel en dat kan alleen als alle spelers tegelijk om de tafel zitten. Dat zal nooit een eenmalig gebeuren zijn.
En er moet een markant begin zijn. Daar kan de gemeente een rol in spelen: aansprekende aankleding van het Broerenkwartier als start van de aanpak.

Wat mij betreft wordt ook het overleg opnieuw opgestart wat er was toen we nadachten over de flaneeravonden, alweer bijna 5 jaar geleden. We zaten om de tafel met City Centrum, met de horeca en met cultuurvertegenwoordigers. Hoe kunnen samen werken aan het versterken van funshoppen.
Naar mijn stellige overtuiging is er nog veel te bereiken, als het maar samen gebeurt.

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Zwolse politiek

Winkelmooie binnenstad

De inrichting van het publieke domein in de binnenstad vraagt om een heroverweging.
Dat is dus wat anders, dan hier en daar een aanpassing.
Het waarom?
Ik noem een paar aandachtspunten, die ook al eens eerder aan de orde zijn geweest.
1. De marktkramen in de Luttekestraat belemmeren het zicht op de winkels daar. Ik pleitte een jaar geleden al voor een gesprek tussen ondernemers en marktkooplui. Er zijn minder kramen, dus is er schuifruimte.
2. De Grote Markt wordt hoe langer hoe meer onherkenbaar. Is langzamerhand, zeker bij mooi weer, een grote niet-overdekte fietsenstalling aan het worden. Niet echt om trots op te zijn. De wethouder heeft mij toegezegd dat dit opgepakt gaat worden.
3. Door de opstelling van de marktkramen zijn looplijnen Luttekestraat – Grote Markt – Diezerpromenade niet meer zichtbaar. Het gaat ook op zaterdag om de aantrekkelijkheid van de binnenstad.
4. Over niet al te lange tijd rijden er geen bussen meer door de binnenstad. Dus ook niet meer over de Jufferenwal en de Buitenkant. Dat maakt het, denk ik, mogelijk om het Rodetorenplein te betrekken bij de markt. Die kan dan opschuiven, waardoor Grote Markt vrij kan komen.

Ik blijf pleiten voor een overleg tussen marktkooplui, binnenstad-ondernemers (via City Centrum?) en gemeente om te zoeken naar een beter gebruik van de ruimte in de binnenstad met in achtneming van elkaars belangen.

Ik zou zeggen, begin met een verkennend gesprek.
Er is een spreekwoord dat zegt, dat een reis van 100 km begint met de eerste stap.

11 reacties

Opgeslagen onder Zwolse politiek

De Zwolse binnenstad, een oase?

Deze week konden we in de media lezen dat het bezoek aan steden terugloopt. Zo ook in Zwolle, al komt Zwolle er nog redelijk goed van af in dit deel van ons land.
Dat vraagt alertheid en hard werken aan een gastvrije binnenstad. Daar hebben we de ondernemers in de binnenstad hard bij nodig.
Aansluiten straks bij de mogelijkheden die de Fundatie en Waanders in de Broeren gaan bieden.

Deze week las ik ook berichten die niet echt helpen om van onze binnenstad een oase te maken.
– de Grote Markt stond woensdag propvol met fietsen. Wellicht handig voor de eigenaren van de fietsen, maar het is geen gezicht en nodigt niet uit;
– veegwagens die ruim voor sluitingstijd van de winkels door de binnenstad trekken. Op zich nobel en nodig, maar wel op het verkeerde tijdstip.

Deze berichten kloppen niet op elkaar.
Wat moeten we doen? Er moet een meldpunt komen; bijvoorbeeld een ambtenaar waar alle verbeterpunten binnenkomen en die ook de bevoegdheid heeft om er wat aan te doen.
De gezamenlijke verantwoordelijkheid (we maken immers samen de stad) voor een prettig verblijf in de binnenstad is geholpen bij een slimme meldprocedure, die snel laat zien dat er wat aan gedaan wordt.
Geen gespreksgroep (waaraan ik, eerlijk gezegd, wel even heb gedacht), maar onmiddellijke aktie.

6 reacties

Opgeslagen onder Zwolse politiek

Mobiliteitsarrangementen

Tijdens de jaargetijdenborrel deze week gaf Andries van Daalen van Wehkamp.nl aan dat hij bezig was een groep mensen bij elkaar te verzamelen om samen na te denken over mogelijke mobiliteitsarrangementen.
Dat stemde mij tevreden. Een paar jaar geleden heb ik dit al eens geopperd in mijn algemene beschouwing bij de Perspectiefnota. Het doel is om een betere bereikbaarheid van de stad Zwolle te krijgen. Er zijn momenten op een dag dat er geen doorkomen aan is.

Ik nodig de lezer uit om ook met suggesties te komen.

Om een idee te geven noem ik wat mogelijkheden die mij te binnen schieten of waarover we de afgelopen tijd hebben nagedacht.

  1. Voor de bereikbaarheid van de stad als winkelcentrum lijkt het alsof de mensen uit de regio nu zijn aangewezen op de afslag Centrum van de snelweg. Het zal helpen wanneer de afslag Noord ook gebruikt gaat worden om de stad te bereiken. Bewegwijzering moet dat aangeven. Bovendien moeten er meer parkeerplaatsen aan de noordwestkant van de stad komen.
  2. Maak grote parkeerplaatsen aan de rand van de stad en maak een pendeldienst van deze parkeerplaats naar de stad. Mogelijk kan ook de stadsring dienen als route voor de pendeldienst. Ook kan overwogen worden het water te gebruiken voor een niet alledaagse pendelmogelijkheid.
  3. Een hele woeste mogelijkheid, die ik ooit iemand hoorde verdedigen, is een monorail boven de stad op liggers. Bijvoorbeeld boven de stadsring. Vormt zo geen belasting voor het verkeer. Met prefabliggers moet het te doen zijn.
  4. Waar vaker over is nagedacht zijn wat latere begintijden van het onderwijs. Het vervelende is, dat de lessen dan ook later stoppen en in de buurt komen van de middagspits. Ik zie mogelijkheden voor MBO en HBO.
  5. Andersom kan ook: openingstijden van winkels verschuiven: open om 10.00 en doorgaan tot 19.00 uur. Je kunt dan na het werk de stad nog in. Dat helpt de avondspits te “verdunnen”.
  6. Bevorderen dat men minder met de auto naar het werk komt. Dat vraagt mobiliteitsbeleid van de grote werkgevers. Daar is meer mee te doen dan nu gebeurt. Zou kunnen in combinatie met suggestie 2.

Er valt zo heel wat te verzinnen (los van uitvoerbaarheid en/of kosten).
Ik ben benieuwd naar suggesties van jullie.
Voel je vrij om te reageren.

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder algemeen

Vrije openingstijden

Gisteravond (maandag 23-1) heeft de raad het initiatiefvoorstel over vrije sluitingstijden besproken. De horeca spreekt liever over openingstijden en de initiatiefnemers lieten weten dat het eigenlijk een discussienota is.
Uitkomst van de inforonde: er komt een aangepast voorstel, mede aan de hand van wat is opgemerkt.
Ik wil over een paar algemene punten verder nadenken.

1. Het voorstel/discussiestuk hamert nogal op de eigen verantwoordelijkheid.
Met eigen verantwoordelijkheid is op zich niets mis, maar daar zitten wel grenzen aan. Dat benadrukte de burgemeester ook. Ik schreef er al eerder over (27-9-2011).
Er zijn tegengestelde belangen, ontegenzeggelijk. Dan vraagt het invullen van de eigen verantwoordelijkheid een regievoerder. Wat te doen als je er niet uit komt? Dan moet je kunnen terugvallen op gemaakte afspraken.
Ook praktisch zie ik lastige puntjes. Als elke horecabaas zelf kan regelen hoe hij de openingstijden invult, moeten de binnenstadbewoners dan met elke horecagelegenheid om de tafel gaan?
En wie is verantwoordelijk voor het handhaven van de gemaakte afspraken?

2. Bij het rondetafelgesprek over jeugd en alkohol een tijdje geleden, werd gesteld dat maatregelen meer succes zullen hebben als de maatschappelijke acceptatie van alhokolgebruik verandert. Er werd een vergelijking gemaakt met het denken over roken. Op 29-11-2011 heb ik verslag gedaan.
Tegen die achtergrond en met de kennis van een sterk toegenomen opname in ziekenhuizen van jeugdige comazuipers en idem van alkoholgerelateerde bezoeken aan spoedpoli’s tijdens de jaarwisseling, is het vrijgeven van openingstijden een verkeerd signaal. Het spant het paard achter de wagen.

3. Het valt op dat selectief gewinkeld wordt in situaties van andere gemeenten. Ik doe dat ook. Dat maakt duidelijk, dat die informatie niet geobjectiveerd kan worden. Het wordt vooral gebruikt voor het halen van het eigen gelijk.
Ik zal bij de uiteindelijke beoordeling gebruik maken van de info die ik heb verzameld. Dat is feitelijke informatie, die laat zien wat er kan gebeuren ( dat is wat anders dan info die laat zin wat er gaat gebeuren).

4. Ik wil graag weten wat de gevolgen zijn bij een eventuele invoering van vrije openingstijden.
Bijvoorbeeld:
– Hoe zit het met de grotere inzet van politieformatie, die nodig is zoals de politieman gisteren aangaf. Dat zal dus gaan ten koste van inzet elders. Waar is dat elders?
– hoe valt er voor Zwolle in te schatten wat de gevolgen zijn voor de veiligheid. In de ene gemeente verbetert dat, in de andere gemeente zijn er toenemende ongeregeldheden en meer alkoholgerelateerde ongelukken.

We weten wat we hebben, namelijk een situatie die het resultaat is van overleg tussen alle betrokken partijen.
Wat we gaan krijgen is onbekend en alleen maar in te schatten.
En dat voor het verminderen van regels. Terwijl ik niet weet welke regels nodig zullen zijn in de nieuwe situatie.
Eén van de horecamensen vroeg zich na de vergadering dan ook af voor welk probleem dit voortel een oplossing is.

Wordt vervolgd.

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Zwolse politiek

Flyeren

Vandaag heb ik het antwoord van het college op onze vragen over flyeren in de binnenstad binnen gekregen.Het belangrijkste antwoord, op vraag 1, heb ik hieronder weergegeven.
De vraag luidde:  Bent u van mening dat het colporteren/flyeren in de binnenstad beter gereguleerd kan worden.

Het college antwoordt op deze vraag als volgt:

Zwolle is een mooie stad, een stad met mogelijkheden, waar iedereen mee moet kunnen doen en waar we ruimte voor initiatieven willen bieden. In zowel het Collegeakkoord als de Perspectiefnota 2011 – 2014 geven we als gemeente aan dat we niet willen dat regels en bureaucratie hieraan in de weg staan.

Het college is zich er van bewust dat er momenten zijn, vooral in de Diezerstraat, dat de bezoeker om de haverklap wordt aangesproken om lid te worden van een goed doel, een abonnement op de krant te nemen of een nieuw product uit te proberen. De prullenbakken puilen op drukke momenten uit en de weg is dan bezaaid met papiertjes en demoproducten. Met name door de optelsom van activiteiten wordt overlast ervaren en irritatie opgewekt.

Je kunt gewoon nee zeggen als je aangesproken wordt, je hoeft niks aan te pakken, je kunt gewoon doorlopen. Waarom moeten wij als overheid regelen dat burgers geen “nee dank je, geen interesse” hoeven te zeggen? Moet de overheid ondernemers de vrijheid ontnemen om hun producten aan te prijzen wanneer zij deze gratis willen uitdelen of middels flyers aan het publiek kenbaar willen maken?

Deregulering draait er in de kern om dat je alleen passende regels hebt. Dat je zaken regelt waar dat nodig is vanuit je publieke taak, dat je dat doet op een manier die past bij Zwolle, dat die regels efficiënt zijn en dat je daar over na blijft denken. En regelen is niet hetzelfde als inperken, afpalen en risico’s uitsluiten. Regelen is ook het creëren van een kader, het stellen van randvoorwaarden en het mogelijk maken van dingen.

In dat licht gezien kiest het college er dan ook niet voor om vrijheid bij de individu in te perken en de mogelijkheid om colporteren en te flyeren anders te reguleren. 

Als ik het antwoord op me in laat werken, dan kan ik me bij de redenering wel wat voorstellen. Toch heb ik nog wel wat punten die een overweging verdienen:
–       de vrijheid van het individu geldt ook voor het winkelend individu; hoe zit het met het evenwicht
–       de vraag was niet om het anders te reguleren, de vraag was of het niet beter gereguleerd kan worden
–       dat brengt me bij mijn belangrijkste overweging. Als de redenering van het college in de volle breedte geldt, waarom is er dan nog wel een vergunning nodig? Blijkbaar is de vrijheid van het individu niet zo groot, dat er toch nog een vergunning nodig is (inclusief de plek op de Diezerpromenade waar je mag gaan staan)
–       Ik heb geen enkel bezwaar om een keer “nee” te zeggen. Dat wordt anders, wanneer je op zaterdag om de haverklap aangesproken wordt. Ik zou me voor kunnen stellen dat het aantal vergunningen per dag(deel) beperkt wordt. Je behoudt zowel de vrijheid van het colporterende individu als van het winkelende individu.

Er is in ieder geval duidelijkheid, het winkelend publiek weet waaraan het nu toe is.

John van Boven

2 reacties

Opgeslagen onder ChristenUnie Zwolle, Zwolse politiek

Schriftelijke vragen over colporteren in de binnenstad

Ik heb eerder op mijn weblog aandacht besteed aan het colporteren en flyeren in de binnenstad.
Ik vraag me werkelijk af of dit bijdraagt aan een positieve beleving van de binnenstad. Een beleving waarvoor we ons met elkaar nogal voor inspannen.
Ik heb dat stuk van toen iets omgebouwd en gebruikt als inleiding op een viertal vragen aan het college.
De tekst luidt:

Inleiding
We maken ons – zeer terecht trouwens – druk over de kwaliteit van de binnenstad. We denken na over de bereikbaarheid. We maken ons zorgen over het fiets parkeren. We zijn druk bezig met het vraagstuk waar-laat-ik-mijn-auto. Honden mogen niet in de binnenstad.
En dit allemaal om het winkelen zo aantrekkelijk mogelijk te maken en te houden.
En dan komen we al die mensen tegen, die wat van ons willen hebben.
De ervaring (vooral van afgelopen week!) leert dat niet alleen winkelend publiek maar ook de winkeliers zelf, last hebben van colporteurs/flyeraars.

Het instrument om colporteren te reguleren, is de APV. In de APV (algemene plaatselijke verordening) worden zaken geregeld die moeten helpen het samenleven in Zwolle aantrekkelijk te houden (te maken).
Onze fractie heeft niet de indruk, dat het onder een bestaand artikel is te ‘vangen’. Of het zouden de artikelen 2.4.6 (hinderlijk gedrag op of aan de weg) en 2.4.8 (hinderlijk gedrag bij of in gebouwen) moeten zijn. Onze indruk is, dat deze artikelen niet specifiek genoeg zijn.

We vragen ons vervolgens af of artikel 426bis van het wetboek van Strafrecht soelaas biedt?
Citaat: “ Hij die wederrechtelijk op de openbare weg een ander in zijn vrijheid van bewegen belemmert of met een of meer anderen zich aan een ander tegen diens uitdrukkelijk verklaarde wil blijft opdringen of hem op hinderlijke wijze blijft volgen, wordt gestraft met hechtenis van ten hoogste een maand of geldboete van de tweede categorie”.
Onze fractie denkt dat dit artikel ook onvoldoende uitkomst biedt. Blijkbaar mag je je wel opdringen, maar mag je dat niet blijven doen.

In Groningen hebben ze een artikel in de APV opgenomen.
Het gaat om het volgende artikel:
”Artikel 2.1.3.1 Beperking aanbieden e.d. van geschreven of gedrukte stukken /afbeeldingen of het uitdelen van goederen om niet.
1 Het is verboden gedrukte of geschreven stukken dan wel afbeeldingen of voor handelsdoeleinden goederen om niet onder het publiek te verspreiden dan wel openlijk aan te bieden, aan te bevelen of bekend te maken op of aan een beperkt aantal door het college aangewezen wegen of gedeelten daarvan.
2 Het college kan de werking van het verbod beperken tot bepaalde dagen en uren.
3 Het verbod geldt niet voor het huis-aan-huis verspreiden of het aan huis bezorgen van gedrukte of geschreven stukken en afbeeldingen.
4 Het college kan ontheffing verlenen van het in het eerste lid gestelde verbod.

Onze fractie heeft de volgende vragen:
1. bent u met ons van mening dat het colporteren/flyeren in de binnenstad beter gereguleerd kan worden?
2. Deelt u onze opvatting, dat de bestaande regelgeving in de APV dan niet toereikend is, evenmin als terugvallen op het wetboek van strafrecht?
3. Wat is uw oordeel over de oplossing die de gemeente Groningen gevonden heeft?
4. Bent u bereid deze oplossing over te nemen?

John van Boven

1 reactie

Opgeslagen onder ChristenUnie Zwolle, Zwolse politiek

Ondernemersfonds Binnenstad Zwolle

Het ondernemersfonds staat (weer) in de belangstelling. RTV Oost besteedt er in ieder geval vandaag aandacht aan. Als ik de brief van de trekkers (januari 2011) leg naast de mail van Fakkert (ondernemersfonds nee) dan valt mij op dat de invalshoek verschillend is en daarmee de uitkomst.

Je kunt redeneren vanuit het doel en dan bezien hoe je het moet doen. Je kunt ook vertrekken vanuit de manier die wordt voorgesteld. Als je het daar niet mee eens bent, dan kom je elkaar nooit te spreken over het doel van het fonds.

Het meest constructief is toch om te vertrekken vanuit het doel van het fonds.  Meet bezoekers nar de binnenstad trekken, die daar langer blijven en meer uitgeven. (brief van januari 2011). Dat is toch een nastrevenswaardig doel waar velen bij gebaat zijn: de ondernemers, de stad en last but not least de bezoekers.

Het fonds zal dan gebruikt worden voor het promoten van de stad, voor het beheer van de stad (schoon-heel-veilig) en voor het vergroten van de veiligheid.
Hoe meer ik in de brief lees, des te beter gevoel ik krijg over het doel.
Samen de schouders er onder. Ook omdat je samen meer voor elkaar kunt krijgen en veel effectiever kunt werken.

Over de manier waarop kan gesproken worden. In de brief wordt de vraag gesteld of de ondernemers willen laten weten naar welke rechtsvorm de voorkeur uitgaat. Met andere woorden het staat helemaal niet vast dat gekozen wordt voor een stichting.

Je moet wel denken in termen van kansen en niet in termen van bedreigingen. Dan kom je niet echt ver. Je kunt kijken naar steden waar het niet van de grond komt. Je kunt ook kijken naar situaties waar het wel lukt.
Zwolle, de binnenstad natuurlijk, is niet gebaat bij een defaitistische houding. Zo van, het bezoekerstal loopt overal terug. Daar is geen houden meer aan.
Als je zo denkt, ben je geen ondernemer, denk ik dan.

Om een wettelijke basis te leggen onder het fonds, moet minstens 50% van de ondernemers stemmen. Daarvan moet 2/3 instemmen met het fonds. Dan is er basis voor de oprichting van het fonds.
Binnenstad ondernemers moeten dus niet te lichtvaardig denken en in ieder geval gaan stemmen. Houdt bij het stemmen in het oog dat het gezamenlijk belang van een economisch sterke binnenstad, uiteindelijk ook eigen belang oplevert.

John van Boven

 

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Zwolse politiek