Tagarchief: raadgevend referendum

Raadgevend referendum – ja of nee

Het referendum is nogal onderwerp van bespreking en wordt door nogal wat kiezers gezien als toetssteen van burgerbetrokkenheid. Zo in de trant van: neemt de politiek ons wel serieus.
In dit stukje wat gedachten – mijn gedachten! – over dit instrument.
1. In de gemeenteraad wordt beleid gemaakt en getoetst. Als hoogste orgaan in de gemeente worden daar beslissingen genomen. Doorgaans bij meerderheid van stemmen. Ik heb in al die jaren dat ik in de raad zat nog nooit vernomen dat de minderheid zich niet gehoord voelde. 
Debat, argumenteren, elkaar bevragen en stemmen: nieuw beleid.
2. De samenstelling van de gemeenteraad is het resultaat van verkiezingen. De raadsleden doen hun werk namens de kiezers die gekozen (kunnen) hebben aan de hand van de verkiezingsprogramma’s. Representatieve democratie.
Er is al een tijd de tendens gaande dat burgers ook tussen de verkiezingen in een rol willen spelen bij het ontwikkelen van beleid. Dat kan op een aantal manieren. Denk ik.
 De fractie kan in aanloop naar een debat hoorzittingen organiseren, politieke partijen kunnen hun achterban raadplegen, je kunt social media inzetten en je kunt een referendum houden. Dat kan op initiatief van “de” politiek, maar ook op initiatief van burgers.
3. Elk instrument heeft zijn voor en tegens. We zullen ze benoemen. Maar eerst de conclusie dat er meer instrumenten zijn dan alleen referenda, al dan niet raadgevend.
Het organiseren van hoorzittingen door elke fractie is een nogal tijdrovende aangelegenheid. Een goed alternatief is om gezamenlijk als raad hoorzittingen te houden om te weten te komen wat burgers in een bepaald dossier bezighoudt. Dat zou standaard bij grote dossiers kunnen gebeuren. Een goed voorbeeld vind ik het dossier Spoorzone. Met regelmaat kunnen burgers van zich laten horen. Valkuil is wel dat het ervaren wordt als doekje voor het bloeden of als democratische schaamlap. Van te voren moet bekend zijn, wat de reikwijdte is van inbreng van burgers. Cruciaal is dan ook het moment. Kan er wat worden ingebracht of is het niet veel meer dan informeren.
4. Het raadplegen van de achterban door politieke partijen vind ik tricky. Het is niet de eerste taak van een partij om in het kader van beleidsvorming de achterban te horen. Het risico bestaat dat de onafhankelijke status van een raadslid geweld wordt aangedaan. De fractie is de natuurlijke gesprekspartner van (het bestuur van) de partij. Een tweede overweging voor mij is dat de achterban vele malen kleiner is dan het electoraat. Het raadplegen wordt zo behoorlijk versmald.
5. Inzetten van social media kan altijd. Het heeft zijn beperkingen maar kan een waardevolle aanvulling zijn bij het nadenken over dossiers. Wel moet bedacht worden dat burgers doorgaans vanuit eigen belangen reageren – en daar is niks mis mee – maar dat een raadslid juist de verschillende belangen moet afwegen. Dat is iets wat de burger zich ook moet realiseren. Dat vraagt na een genomen beslissing verantwoording door de fractie over het ingenomen standpunt.
6. En dan het raadgevend referendum. Ik ben daar geen voorstander van en daar heb ik meerdere argumenten voor.

a. De tweedimensionaliteit (ja of nee) van een referendum past niet bij de meeste dossiers. Daar zijn ze te complex voor en vragen doorgaans nuanceringen.

b. Een weloverwogen standpunt innemen vraagt kennis nemen van de materie. Om allerlei redenen komt de burger daar begrijpelijkerwijs niet aan toe. En is daarmee afhankelijk van partijen die belang hebben bij een ja of een nee. Het Oekraïne referendum is een goed voorbeeld van voorlichting die niet helemaal paste bij de te maken keus.

c. De burger die stemt voelt zich niet verantwoordelijk voor de consequenties van zijn keus. Dat wordt niet meegenomen in de overwegingen. Eerlijker zou zijn te vragen bij een keus die duurder is dan het voorstel, dat men dan bereid moet zijn om (bijvoorbeeld) meer belasting te betalen. Dus in de vraagstelling consequenties al meenemen.

Wat te doen?
Ik ben voor het verder verbeteren van burgerbetrokkenheid. Er zijn de nodige stukken geschreven in de afgelopen jaren. Ik heb al in 2015 een inventarisatie en samenvattingen gemaakt: https://johnvanboven.com/2015/08/25/burgerbetrokkenheid-2/.
Er gebeurt te weinig mee. Onlangs heeft de commissie Remkes (staatscommissie Parlementair Stelsel) haar “marsorder” gepubliceerd: Probleemverkenning. Met veel stof om over na te denken.
Ik herhaal hier wat ik al een paar keer schreef. De wens om in Zwolle gestructureerd na te denken over de omslag van representatieve naar participatieve democratie. Hoe betrekken we burgers intensiever en consequenter bij beleidsvoorbereiding.
Ik herinner me een commissie die we Sociaal Economisch Forum noemden. Daar werd systematisch nagedacht over het versterken van de Zwolse economie.
Waarom dan nu niet een commissie/taskforce/werkgroep/denktank over democratie 3.0 (of zo iets).
Een schone taak voor de Zwolse griffie lijkt mij.

8 reacties

Opgeslagen onder algemeen, Zwolse politiek

Raadgevend referendum: juiste instrument?

Dit stukje gaat niet over een standpunt over al dan niet uitbreiden van het aantal koopzondagen. Het gaat wel over het proces dat William Dogger in gang wil zetten. Hij wil een raadgevend referendum over de koopzondagen.
Een interessante ontwikkeling.
Interessant omdat er nogal wat stukken verschijnen over de herijking van de relatie tussen overheid en burger. Zie ook mijn vorige stuk op dit blog. Burgers willen en krijgen steeds meer invloed tussen de verkiezingen in. Ik ervaar dat als een goede ontwikkeling. Maar dan moet de “politieke infrastructuur” daar wel op ingericht zijn. En zover is het nog niet, helaas.

Terug naar het raadgevend referendum. Ik zie toch wel wat punten die om aandacht vragen.
Is er ruimte voor een raadgevend referendum over een onderwerp waarover standpunten zijn vastgelegd in het college-akkoord. In zo’n akkoord worden verschillende standpunten opgenomen waarover niet alle collegepartners het eens zijn, maar waar wel een evenwicht wordt gevonden. Wat betekent het als dat evenwicht verstoord wordt, wanneer over 1 onderwerp een ander standpunt “komt”. Of zal dat niet gebeuren omdat het een raadgevend referendum is en de coalitie deze redenering volgt. Zoals nog niet zo lang geleden het ook gegaan is.
Aan het raadgevend referendum gaat een inleidend verzoek vooraf. De referendumverordening zegt daarover het volgende in artikel 4:

– Kiezers kunnen over een door de raad te nemen besluit een inleidend verzoek tot het houden van een referendum indienen.


– Dit inleidend verzoek moet ten minste twee werkdagen voor de besluitvormingsronde van het Raadsplein, waarvoor het conceptraadsbesluit is geagendeerd, schriftelijk bij het college worden ingediend.


- Het inleidend verzoek vermeldt welk conceptraadsbesluit het betreft.


– Het verzoek moet worden ondersteund door een aantal kiezers dat tenminste gelijk is aan 0,15 % van het totaal aantal kiesgerechtigden van de laatst gehouden gemeenteraadsverkiezingen.


– De ondersteuning blijkt uit de bij het verzoek gevoegde naam, adres, woonplaats en geboortedatum van de kiezers en hun handtekeningen, op daartoe door de gemeente verstrekte formulieren. 



Wat valt op:

– Van belang is het eerste aandachtsstreepje: kiezers kunnen een inleidend verzoek tot het houden van een referendum indienen. Waartoe gaat de motie op 7 december oproepen? Worden via de motie kiezers opgeroepen een inleidend verzoek in te dienen? Dat zal toch niet.

– het moet kennelijk, nog steeds volgens eerste aandachtsstreepje een raadgevend referendum worden over een nog door de raad te nemen besluit. Dat is hier toch niet aan de orde, lijkt me. Bij het derde aandachtsstreepje wordt ook gesproken over een conceptraadsbesluit. 
De raad heeft tot tweemaal toe een standpunt ingenomen: bij het aannemen van het collegeakkoord en onlangs naar aanleiding van de petitie over zondagsopening van supermarkten.

Ik heb de indruk dat met het raadgevend referendum een verkeerd instrument uit de kast getrokken wordt.

1 reactie

Opgeslagen onder Zwolse politiek