Tagarchief: regeerakkoord

Dividenddossier update 2

Uit het regeerakkoord:

Een concurrerend vestigingsklimaat

Wij willen dat Nederland een land is waar het voor ondernemingen aantrekkelijk is om zich te vestigen en van waaruit Nederlandse bedrijven handel kunnen drijven over de hele wereld. Daar profiteert Nederland van, want deze bedrijven voegen werkgelegenheid, innovatie en kracht toe aan onze economie. Heel veel mensen werken bij internationaal opererende bedrijven en bij bedrijven die daaraan toeleveren. Voor veel internationaal opererende bedrijven is Nederland een aantrekkelijk vestigingsland. Om dat zo te houden in een steeds verder globaliserende wereld zijn maatregelen nodig. We richten ons op bedrijven die echt een toegevoegde waarde hebben in plaats van bedrijven die Nederland alleen als postbus gebruiken:

o We willen een eind maken aan de situatie dat firma’s zich alleen op papier in Nederland vestigen om belastingvrij miljoenen te kunnen rondpompen. Wij gaan bij hen belasting heffen, net als bij ieder ander bedrijf. Internationaal zetten wij ons ervoor in dat belastingparadijzen worden aangepakt. Zelf gaan we het goede voorbeeld geven via een bronheffing op rente en royalty’s op uitgaande stromen naar landen met zeer lage belastingen (low tax jurisdictions).

o We bevorderen het ondernemen met meer eigen vermogen en beperken de belastingvoordelen voor vreemd vermogen. Dat levert stabielere bedrijven en gezondere economische verhoudingen op, zeker bij tegenslag. Dit geldt nog extra voor banken, die bij de eurocrisis een groot beroep op de overheid gedaan hebben.

o Wij verlagen de Vennootschapsbelasting (VPB) en schaffen de dividendbelasting af waardoor bedrijven gemakkelijker eigen kapitaal uit het buitenland kunnen aantrekken en minder kwetsbaar worden voor vijandige overnames. Ter financiering daarvan beperken we de renteaftrek en versoberen we de mogelijkheid in de VPB om met verliezen te schuiven over de jaren heen. Daarnaast beperken we de belastingvoordelen voor expats.

Deze paragraaf uit het regeerakkoord, en dan met name de derde bullit, kondig niet een onderzoek aan naar de vooral financiële effecten van het schrappen van de dividendbelasting. Nee, de dividendbelasting wordt afgeschaft.

Het is geen onderwerp uit welk verkiezingsprogramma dan ook, het komt, ja waar komt het vandaan? En op basis waarvan is deze maatregel in het regeerakkoord gekomen?

Wel of geen memo’s, al dan niet geheim. Vragen over de gevolgen – en voor wie – werden niet beantwoord. Dat moet duidelijk worden bij de begrotingsbehandeling, wordt nu gezegd.

De financieringsopmerkingen zijn kwalitatief van aard, terwijl je zou verwachten dat vooral kwantitatieve dekking geboden wordt. 

En daarnaast, wat zijn de gevolgen voor doorsnee belasting betaler?

Niks van dat alles.

Dit nog los van wat ik al eerder schreef: waar is de kiezer gebleven? De kiezer heeft deze maatregel niet kunnen meenemen in zijn overwegingen: waar stem ik op.

Bij dit dossier, langzamerhand geruchtmakend, zijn de Kamerleden van de regeringspartijen geen volksvertegenwoordiger. “Het volk” heeft immers niet kunnen weten en niet kunnen zeggen wat het er van vindt.

Het rammelt, zeker als je kijkt naar de gang van zaken en de manier waarop Rutte reageert op opmerkingen. Zijn opmerking “we doen het niet voor onze lol” slaat werkelijk alles. Het laat zien dat het ontbreekt aan inhoudelijke – en vooral – afgewogen argumenten.

Je kunt je als regeringspartij niet verschuilen achter de opmerking dat, als het niet doorgaat, het kabinet valt. Los van het feit dat het in de benen houden van een kabinet geen doelstelling is als het gaat om het regeren van het land. Het laat ook zien dat er meer speelt dan alleen beleidsoverwegingen. Immers, politiek bestaat bij de gratie van verschillende meningen.

Ik reken op het gezonde verstand van de Eerste Kamer.

Advertenties

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder algemeen

regeerakkoord en de gemeente

Hieronder zonder commentaar een droge opsomming van zinnen, waarin in het regeerakkoord de gemeente wordt genoemd. Met paginanummer.

Er is werk aan de winkel. In meerdere opzichten.

– gemeente moet bijstandsuitkering 3 maanden stoppen, wanneer niet voldaan wordt aan sollicitatieplicht p6
– winkeltijden op zondag aan gemeente p10
– 256 miljoen uit gemeentefonds tbv onderwijshuisvesting p18
– zorg: aansluiten bij wat mensen nodig hebben en wat gemeenten kunnen doen p23
– gemeenten worden geheel verantwoordelijk voor de activiteiten op het gebied van ondersteuning, begeleiding en zorg p23
– De combinatie van de introductie van inkomensafhankelijke zorgfinanciering en het organiseren van zorg dicht bij mensen maakt beperking, vereenvoudiging en decentralisatie mogelijk van regelingen als compensatie eigen risico, de aftrek specifieke zorgkosten en de wet tegemoetkoming chronisch zieken en gehandicapten. Hieruit wordt een nieuwe gemeentelijke voorziening gefinancierd met een omvang van ruim 750 miljoen p24
– De gemeenten wordt een zeer ruime beleidsvrijheid gegeven met betrekking tot de concrete invulling van deze gedecentraliseerde voorzieningen p24
– De jeugdzorg wordt in 2015 gedecentraliseerd naar gemeenten. De decentralisatie omvat alle onderdelen: de jeugdzorg die nu een verantwoordelijkheid is van de provincie, de gesloten jeugdzorg onder regie van Volksgezondheid Welzijn en Sport, de jeugd-GGZ die onder de ZVW valt, de zorg voor lichtverstandelijk gehandicapten jongeren op basis van de AWBZ en de jeugdbescherming en jeugdreclassering van Veiligheid en Justitie p25
– Consultatiebureaus worden verplicht kinderen voor wie taalachterstand dreigt, door te verwijzen naar vroeg- en voorschoolse educatie. Sluitende samenwerking tussen gemeenten en scholen moet waarborgen dat achterstanden spoedig mogelijk en in ieder geval voor het eind van de basisschoolperiode zijn weggewerkt p25
– De decentralisatie moet ertoe bijdragen dat de eigen kracht, het sociale netwerk en de voorzieningen in een gemeente beter worden benut. Het accent zal steeds liggen op participatie in de samenleving p25
– De nieuwe Jeugdwet waarborgt de gemeentelijke beleidsvrijheid. Elementaire kwaliteitswaarborgen voor cliënten blijven wettelijk verankerd p25
– We bevorderen samenwerking van gemeenten, bedrijven, scholen en sportverenigingen p25
– Met gemeenten willen we bevorderen dat er bij de aanleg van nieuwe wijken voldoende ruimte voor sport en bewegen is p25
– De wietpas vervalt, maar de toegang tot coffeeshops blijft voorbehouden aan ingezetenen die een identiteitsbewijs of verblijfsvergunning, samen met een uittreksel uit het bevolkingsregister kunnen tonen. De handhaving van dit ingezetenencriterium geschiedt in overleg met betrokken gemeenten en zonodig gefaseerd, waarbij wordt aangesloten bij het lokale coffeeshop- en veiligheidsbeleid zodat er sprake is van lokaal maatwerk p28
– Voor stemmen bij gemeenteraadsverkiezingen, naturalisatie en het niet verliezen van het verblijfsrecht bij het aanvragen van een bijstandsuitkering geldt nu een periode van vijf jaar. Die wordt verlengd tot zeven jaar p32
– Woningbouwcorporaties moeten weer dienstbaar worden aan het publiek belang in hun werkgebied. Hun taak brengen we terug tot het bouwen, verhuren en beheren van sociale huurwoningen en het daaraan ondergeschikte direct verbonden maatschappelijke vastgoed. Corporaties komen onder directe aansturing van gemeenten. Gemeenten met meer dan honderdduizend inwoners krijgen extra bevoegdheden p33
– De instroom in de sociale werkvoorziening in zijn huidige vorm stopt met ingang van 1 januari 2014. Gemeenten krijgen binnen de wettelijke kaders ruimte om zelf beschut werk als een voorziening te organiseren. Er is geld om via deze voorziening structureel uiteindelijk dertigduizend werkplekken te realiseren afgestemd op honderd procent van het wettelijk minimumloon. De verplichting voor gemeenten om één op de drie vrijgevallen plaatsen in de sociale werkvoorziening op te vullen vervalt p35/36
– Op de bij gemeenten en UWV beschikbare re-integratiemiddelen wordt een doelmatigheidskorting doorgevoerd, mede in het licht van grote decentralisaties zoals bij de Participatiewet p36
– Om de onderlinge afstemming van onderwijs, peuterspeelzaalwerk en kinderopvang te optimaliseren wordt de financiering van het peuterspeelzaalwerk onder de Wet Kinderopvang gebracht. Daarbij zal bestaande gemeentelijke financiering worden betrokken. Belemmeringen voor samenwerking zullen op basis van de ervaringen in de nu lopende pilots worden weggenomen. De bestaande minimumeisen aan voor- en vroegschoolse educatie worden onderdeel van de afspraken. Financieringsstromen stemmen we op elkaar af p36
– Het overbrengen van een groot aantal taken van het Rijk naar gemeenten maakt meer maatwerk mogelijk en vergroot de betrokkenheid van burgers. Gemeenten kunnen de uitvoering van de taken beter op elkaar afstemmen en zo meer doen voor minder geld. Hiertoe biedt het Rijk hen ruime beleidsvrijheid p41
– Voor de lange termijn hebben wij het perspectief van vijf landsdelen met een gesloten huishouding en gemeenten van tenminste honderdduizend inwoners voor ogen p41
–  Decentralisaties zullen in principe gericht worden op 100.000+ gemeenten. Gemeenten benutten mogelijkheden om bewoners van wijken, buurten en dorpen te betrekken bij zaken die hen raken p41
– We nodigen provincies uit om met gemeenten initiatieven gericht op vergroting van de gemeentelijke schaal te bespreken p41
– Het wetsvoorstel tot vermindering van politieke ambtsdragers met 25 procent zal worden aangepast. Het aantal gemeenteraadsleden daalt tot het aantal dat bestond voor de dualisering van het gemeentebestuur. We verwelkomen het initiatief op dit punt vanuit de Tweede Kamer. Dat geldt ook voor het initiatief tot deconstitutionalisering van de aanstelling van de burgemeester en de commissaris van de Koningin. De voorgestelde daling van het aantal provinciale politieke ambtsdragers zal wel 25 procent blijven p41

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder algemeen